Día de la Bici

Aanvankelijk was ik van plan geweest deel te nemen aan de Dag van de Fiets. Mijn ouders waren met de auto op bezoek gekomen en hadden mijn Belgische fiets meegebracht, zodat ik na al die jaren eindelijk weer een waarlijk edel rijwiel in huis had staan.

De Avond voor de Dag van de Fiets was het echter nogal laat geworden en daarom had ik mijn deelname beperkt tot het ´s ochtends in bed liggen luisteren naar de toespraak die tot de deelnemers gericht werd en via de megafoons (zie: allemaal geluid) over het hele dorp verspreid werd.

Twee dagen later besloot ik mijn schade in te halen en voor het eerst met mijn goeie oude fiets de baan op te gaan. Een tripje naar de markt in Massamagrell leek daartoe uiterst geschikt (zie kaart).

Viel dat even tegen.

Vooreerst omdat ik de gewone weg naar Massamagrell nam. Ik wist wel dat er naast de grote baan (Avinguda Aragó) een fietspad ligt, maar ik wou zo direct mogelijk fietsen, zoals ik in België gewoon was, en stak daarom eerst de KMO-zone over en nam daarna de Carretera Barcelona. Daar is geen fietspad, en eigenlijk ook geen plaats voor een fiets. Maar levensgevaarlijke risico´s nemen is wel heel Spaans, vandaar waarschijnlijk dat geen enkele automobilist enige ergernis liet blijken.

Onderweg begon het me te dagen dat ik hier nog maar zelden een “normale” fiets gezien heb. De mensen fietsen wel, maar steeds op sportfietsen. Een week eerder, toen ik fier met mijn pas overgebrachte velo naar het park was gekomen, had iemand lachend de Spaanse variant van “Waar gaat die fiets met dat meisje heen” geroepen. “Da´s normaal, zo´n hoog stuur,” had ik gemompeld, “da´s beter voor je rug. Trouwens, in Nederland zijn de sturen nóg hoger.”

Aangekomen in Massamagrell vond ik uiteraard geen stalplaats. Ik besloot de fiets daarom voor het politiekantoor op het plein te stallen. Daarvoor moest ik de markt doorkruisen, die vanop het plein de smalle straatjes eromheen inwoekert. Nou. Ik had evengoed met een paard langs de kraampjes kunnen trekken. (Hier plaats voor een grap met “stalen ros”.) Mensen die opkeken, me aanstaarden, met samenzweerderige blikken naar elkaar toebogen en fluisterend woorden achter hun handpalmen wisselden, waarvan één duidelijk “bici” was (Spanjaarden en fluisteren…). Ik hing de fiets met een kettingslot vast aan een lantaarnpaal voor het politiebureau, wat ook nog eens met veel gekletter gepaard ging, wat nog meer hoofden deed draaien, en daarmee had ik naar mijn aanvoelen wel voldoende buiten mijn Comfort Zone geopereerd voor de rest van de week. Ik liep een paar straten om, maar voelde me te nerveus om nog te winkelen en ging de fiets weer losmaken. Weer naar huis.

Ik besloot deze keer dat fietspad langs de grote baan te proberen. Toen ik aan de Avinguda Aragó kwam, zag ik me voor een probleem gesteld. Ik moest naar links, dus om aan de rechterkant van de baan te kunnen rijden, moest ik oversteken. Maar er was geen oversteekplaats. Daarom draaide ik naar rechts en reed tot aan het grote kruispunt in Museros. Daar lag een prachtig zebrapad voor voetgangers en fietsers, dat mij naar de andere kant van de baan bracht. Waar geen fietspad was. Maar een halve meter dieper lag er wel een grindpad. Ik sprong naar beneden, hief de fiets over me heen en peddelde het pad af. Dat leidde na een tiental meter recht de velden in. Dus teruggefietst, rijwiel weer dat muurtje opgeheven, zelf er ook weer opgeklommen, de baan weer overgestoken. Daar zag ik dat het fietspad waarlangs ik tot in Museros gereden was, voor fietsers in twee richtingen bedoeld was. Dan zuchtend naar huis gepeddeld over een fietspad dat blijkbaar vooral gefrequenteerd wordt door wandelaars, honden, joggers, brommers en oude dametjes die hun winkelkarretje in het midden van de weg laten staan om een paar meter terug iets te gaan oprapen. Ik begon opeens te begrijpen waarom ik fietsers daar zo vaak op de grote baan zie rijden.

Ter hoogte van Pobla de Farnals heb ik het dan ook nog gepresteerd om een verbodsbord fout te interpreteren, waardoor ik weer de weg ben overgestoken (wat daar wel kon) en via het pad aan de rechterkant (dat daar opeens wel lag) naar de noord-oost zijde van de KMO-zone van Rafel te rijden. Daar verdween het fietspad opeens in het niets, waardoor het oversteken van de ronde punten weer een heel stoute onderneming werd voor een braaf Belgje als ik. Maar kijk, ter hoogte van het tankstation ontwaarde ik, verscholen tussen de struiken, het begin van een fietspad, een prachtig fietspad, dat mij via de Carrer Quadrat langs de sinaasappelbomen naar huis bracht.

Thuisgekomen keek ik op het klokje van de microgolfoven en zag dat ik 45 minuten onderweg was geweest. En daarmee zat mijn eigen Día de la Bici erop. Veel bijgeleerd, die dag.

fiets

“Es más grande que tú!”

Advertenties

3 gedachtes over “Día de la Bici

  1. Myriam Dings

    Lieve help! Het wordt dus echt wel tijd dat ze daar een échte fiets leren kennen! Enfin, landgenoot van Merckx zijnde, hebt ge de Belgische kleuren toch wel moedig verdedigd!

    Verstuurd vanaf mijn iPad

    > Op 9-mei-2015 om 20:17 heeft Een jaar in Rafelbunyol het volgende geschreven: > > >

  2. Pingback: Hoe ga je op vakantie als je al op vakantie bent? « Een jaar in Rafelbunyol

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s