Fragiel maske

Prinses schreef in haar meest recente post: “Iemand horen zeggen dat ik ongeschikt ben voor het doen van arbeid, is gewoon raar.”

Ik las het en meteen stond ik weer in de keuken van mijn vriendin Nadja. Nadja is een alleenstaande moeder die een zware fulltime job combineert met de zorg voor haar extreem energieke zoontje. “Wat jij kan, zou ik nooit kunnen,” zei ik haar. Ze weet van mijn migraines, slaapstoornissen, overgevoeligheid, etcetera. Ze weet dat ik haar wil helpen waar ik kan, maar dat haar zoontje niet bij ons kan blijven slapen, gewoonweg omdat ik hem niet aankan. Ze weet dat ik begin vorig jaar een goedbetaalde job moest opzeggen omdat de migraines me verhinderden mijn werk te doen, en dat ik verleden zomer de slechtbetaalde job die me restte moest opzeggen, omdat ik wegens paniekaanvallen de straat niet meer opkon.

Ze weet dat ik daar geweldig mee inzit, omdat ik het liefst van al gewoon zou willen werken, zoals vrijwel iedereen.

Dus toen ik zei “Wat jij kan, zou ik nooit kunnen,” wist ze dat ik gelijk had.

Ze sloeg haar arm om me heen, en antwoordde: “Kath, eres muy delicada. Tú estás hecha para que te quieran.”

Wat zoveel betekent als: fragiel meiske, gij zijt gemaakt om van te houden.

Hoe lief is dat?

Ik hoop natuurlijk dat het maar voor een bepaalde periode is, zowel voor mij als voor Prinses, als voor iedereen die op een gegeven moment te fragiel is om op de arbeidsmarkt te functioneren. Maar ik vind het een mooi idee, dat we nog steeds waardevol zijn, al hebben we geen betaalde job. Dat alleen al het feit dat we liefdevolle wezens zijn ons bestaan rechtvaardigt, en dat er anderen zijn die er alles aan zouden doen om ons in leven te houden, wanneer we daar zelf op een dag de middelen niet toe hebben.

(Ook met dank aan Dennis. Hij weet het waarschijnlijk zelf niet meer, maar die titel komt van hem.)

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties

33 gedachtes over “Fragiel maske

    1. Heb een beetje getwijfeld om het te posten, omdat het zo persoonlijk is. Maar ik ben er zeker van dat dit niet alleen voor mij telt, dus dacht ik van het toch maar de wereld in te sturen.

      1. I know. Maar als je niet anoniem blogt, is het altijd een beetje oppassen he. “Everything you say can and will be used against you…” Dat klinkt toch altijd op de achtergrond in mijn hoofd. Maar je kan jezelf niet laten zien zonder jezelf te laten zien (o help, weer zo´n Paulo Coelho zin)

  1. Brugse zot

    Wat een mooie, wijze woorden. Bedankt om je breekbaarheid te durven delen. Ik geloof ook in een wereld waarin (al dan niet tijdelijk) fragiele mensen ondersteund worden door wie op dat moment (al dan niet tijdelijk) sterkere schouders heeft. Beide posities kunnen volgens door eenieder worden ingenomen, op wisselende momenten in het leven.

  2. ❤ Hoe mooi! Van Nadja om zo te reageren en van jou om je hier zo kwetsbaar op te stellen.
    Toen mijn psy mij het briefje gaf dat mij 100% arbeidsongeschikt maakte, voelde dat heel dubbel. Zo confronterend en pijnlijk, want ik was toch niet iemand die niet meer kon werken? Hoe kon dat nu ineens, nog geen dertig zijn en al onbekwaam zijn om te werken? Ik moest toch gewoon sterk zijn en niet opgeven? En tegelijk was de opluchting zo groot. Want een professional had het opgeschreven, dus dan moest het wel waar zijn. Mocht ik dus zwak zijn, mocht ik opgeven.

    1. Inderdaad, dat is het gevoel! Heel dubbel. Ik denk dat ons lijf en onze geest het wel aanvoelen wanneer het niet meer gaat, maar dat we zo doordrongen zijn van die koppeling werken-waardevol zijn, dat we er gewoon niet aan durven toegeven echt rust te nemen wanneer het nodig is. Ik denk dat we in België ook veel meer onze identiteit aan ons werk koppelen. Wanneer we iemand leren kennen, vragen we heel snel naar wat ze doen voor werk. Dat begon mij pas op te vallen toen ik naar hier kwam, en ik de enige bleek die dat soort vragen stelde.

      1. Mijn Franse leerkracht, vrouw van een topdiplomaat, organiseerde eens een feestje voor de collega’s van haar man, waarop ze ook haar studenten, dikwijls verse immigranten uitnodigde.

        Ze had maar één instructie: “Eén ding doe je niet. Je vraagt niet naar mensen hun werk. Wat win je erbij? Ofwel kijk je met andere ogen naar iemand, omdat hij een topfunctie heeft. Ofwel plaats je iemand in een positie waar hij zich slecht bij kan voelen.”

        Sindsdien probeer ik effectief niet meer te vragen naar iemands job. Ik wacht wel tot ze het spontaan vermelden.

        Toch vind ik dat geweldig boeiende gesprekken, in wat voor bedrijf iemand werkt, in welke branche, hoe die erover denkt, welke uren, of dat allemaal gaat, dat combineren.

        Maar ja, onze identiteit hangt belachelijk samen met de job die we doen. En onze opleiding met waar we op solliciteren, en voor je het weet zit je een half leven in dezelfde sector te werken. Daarom werd ik zo blij van dit interview, over een jurist-buschauffeur die zijn beroep analyseert: ” ‘Ik ben iemand met universitaire diploma’s op zak die ervoor koos om met de bus te rijden. En daar ben ik ontzettend fier op.’ ” (DS, 16/4/2018, http://www.standaard.be/cnt/dmf20180416_03465359)

      2. Dat is he, ik wil eigenlijk ook nog altijd weten wat iemand doet/ gedaan heeft / zou willen doen (al dan niet) voor de kost…
        Als ik het toch wil weten, begin ik meestal met te vragen of ze werk hebben in plaats van meteen te vragen wat ze doen voor werk. Dat scheelt.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s