Een profiel waar te lezen valt en iets over “likes”.

Make-over van azertyfactor, de website van Creatief Schrijven waar aspirant-schrijvers hun materiaal kunnen posten. Ook de profielpagina is geüpdatet, dus voor wie (nog) eens een kijkje wil nemen en bladeren tussen stukjes van uw Rafelkath: dat kan hier.

Het format noopt mij wel tot een korte overpeinzing betreffende views en likes. Ik voel me altijd een rat in een proefopstelling wanneer ik die getallen onder ogen krijg. Er geen aandacht aan besteden vraagt een bewuste inspanning, en dat zint me niet, want inspanningen kosten energie. En uiteraard valt de werkelijke waarde van je werk niet op te maken uit het aantal likes of views -getuige daarvan alle virale rotzooi die op het internet massaal geliked wordt. Bewijzen aan de andere kant van het spectrum zijn er ook: mensen die je in levende lijve vertellen wat je materiaal voor hen betekent. Dat het een aanzet heeft gegeven tot iets anders, dat het iets in hun leven een beetje mooier, leuker of interessanter heeft gemaakt.

En daar doen we het voor, he.

Maar daar bestaan geen knoppen voor.

Godzijdank.

 

 

Hit & Run

(Goed idee van Kleine Atlas, dus doen we lekker mee.)

Welke levende persoon bewondert u het meest en waarom?

José Mujica. “He has been described as “the world’s humblest head of state” due to his austere lifestyle and his donation of around 90 percent of his $12,000 monthly salary to charities that benefit poor people and small entrepreneurs.” (Wikipedia). Daarom.

 Wat was vandaag uw eerste gedachte?

“Ik ga nog efkes blijven liggen.”

Wat is uw meest onhebbelijke karaktertrek?

Moeilijk te zeggen, want wat voor de ene onuitstaanbaar is, dat vindt een ander charmant.

Wat was uw meest beschamende moment?

In het midden van een volle aula zitten, naar de wc moeten, zo lang mogelijk volhouden, dan toch opstaan. Twintig mensen die hun tafeltje moeten opklappen en rechtstaan om mij door te kunnen laten. Ik sprint aan de zijkant van de aula de trappen op, struikel, ga volledig onderuit en neem in mijn val een vuilbak mee. Voor een publiek van driehonderd man.

 Kent u een gedicht of een passage uit een boek uit het hoofd?

“To be or not to be, that´s the question. Whether ´t is nobler to the mind to suffer the slings and arrows of outrageous fortune, or to take arms against the sea of troubles, and by opposing end them.”

Waarschijnlijk ooit uit het hoofd geleerd om mee te kunnen stoefen.

Als u naar de toekomst kijkt, wat ziet u dan?

De toekomst kunt ge niet zien, he. Misschien wel een beetje voelen, maar nu ook weer niet op grote afstand. Denk ik.

 Wat had u beter niet gezegd en tegen wie?

Ik kwam eens een studiegenote tegen in de trappenhal van het huis waar ik net een andere studiegenote had bezocht. Dat meisje zag dat ik wegging, en omdat zij van buiten kwam, zei ze: “Ik hoop dat ge een kap hebt, want het regent.” En ik antwoordde: “Dat maakt niet uit, ik heb veel haar.” Daarbij gaf ik vrolijk een zacht klopje bovenop mijn hoofd. Pas toen ik haar gepasseerd was, besefte ik dat het een meisje was met haaruitval op haar achterhoofd. Dat vond ik zo, zo erg. Het was echt gewoon een onschuldige, domme opmerking; ik had er helemaal niets mee bedoeld. Maar ik ben bang dat ze waarschijnlijk gedacht heeft dat ik haar wou uitlachen, wat echt niet waar was. Ik kon mezelf nadien wel voor het hoofd slaan.

Wat is uw foutste guilty pleasure?

Ik kijk graag binnen bij andere mensen. Gewoon om te zien hoe hun interieur eruit ziet.

Wie mag aanschuiven aan uw droomdiner?

Lucía Berlin, Thomas Hardy en Ludwig von Beethoven. En ik denk dat Elisabeth Kübler-Ross ook wel heel interessante verhalen zou vertellen.

Noem één ding dat de kwaliteit van uw leven zou verbeteren.

Nieuwe handdoeken. Van die heel zachte donkerroze.

Van welke gewoonte zou u graag af ­willen?

Te laat gaan slapen.

Wat zou uw superkracht zijn als vleesgeworden stripheld?

Enthousiasme -al weet ik niet hoe dat precies aangewend zou kunnen worden. O, en ik kan ook in spiegelschrift schrijven.

Wanneer hebt u voor het laatst gehuild en waarom?

Ik kwam per ongeluk de video van Mandy Harvey´s auditie tegen op youtube. Soms pink ik bij muziek wel eens een traantje weg, maar tijdens haar nummers heb ik van begin tot einde gejankt. Omdat het zo mooi is, maar ze het zelf niet kan horen. En omdat ze het ondanks alles toch doet. Als ik nu een excuus voor mezelf wil verzinnen, denk ik aan Mandy Harvey.

Wat is het dichtste dat u ooit bij de dood bent geweest?

Op 2 januari 2014 heb ik een migraine-aanval gekregen die zo vreemd was dat ik dacht dat ik een hersenbloeding had. En ik dacht toen echt dat het met mij gedaan was. Zo´n acht maanden lang heb ik met post-traumatische stress rondgelopen. Sindsdien bedenk ik me iedere dag dat het op elk moment gedaan kan zijn. Dat helpt je wel te relativeren.

Als u het verleden kon veranderen, wat zou u dan veranderen?

Ik zou op 24 juni 1995 naar Grâce-Hollogne gaan, mij in de struiken verbergen, de nummerplaat van Marc Duxtroux noteren, en ervoor zorgen dat de politie hem zou oppakken zodat Julie en Mélissa bevrijd zouden worden en alle andere gruwel voorkomen.

En in uw eigen verleden?

Je maakt bepaalde fouten omdat je op dat ogenblik het inzicht of de vaardigheden mist om betere beslissingen te maken. En elke fout die ik vroeger gemaakt heb, is een steen op het pad waar ik me nu bevind. Dus ik zit met het idee dat als ik ook maar één iets in mijn eigen verleden zou veranderen, dat ik dan in feite mijn dochter weg wens.

Maar soit, los daarvan: ik denk wel dat het me geen kwaad had gedaan germaanse of psychologie of schone kunsten te gaan studeren in plaats van me die drie jaar in de diergeneeskunde kapot te werken.

Als u terug in de tijd kon reizen, waarheen zou u gaan?

Uitgaan in de jaren ’70, dat moet toch wel de max geweest zijn.

Wat is de belangrijkste les die het leven u geleerd heeft?

De andere mensen doen ook maar wat.

Wie moet u spelen in de film van uw leven?

Een goede vriendin zei me eens dat ik haar aan Alyson Hannigan doe denken. Dus ja, doe die maar.

Welke song mogen ze spelen op uw begrafenis?

“Yellow” van Coldplay.

 Hoe wilt u herinnerd worden?

Als aangenaam gezelschap.

 

 

Reclaam: Colombe

Het eerste boek van Christine Van den Hove is een feit: een mooie, intense, sobere roman die je meeneemt naar het negentiende-eeuwse Franse platteland, en de liefde beschrijft tussen twee jonge vrouwen. Ik denk niet dat er iemand is die beter in het Nederlands over die plek en thematiek kan schrijven dan Christine. Van harte aanbevolen!

Klik hier voor info over de boekvoorstelling.

En als je gaat: laat me weten hoe het geweest is, want ik zou er zelf heel graag bij zijn, maar laat het nu net Frankrijk zijn dat in de weg ligt…

 

 

 

 

Het weer

Tot vorige week liepen de temperaturen binnenshuis nog dagelijks op tot 27 graden. Daarna kregen we dagenlang wind en temperatuurschommelingen. Maar vandaag was het voor het eerst in vele maanden windstil en bewolkt tegelijk, en viel er af en toe motregen. Inderdaad, Belgisch weer.

En ik voelde me fantastisch. Niks geen vermoeidheid of zwaar hoofd, niks geen neiging tot depressie. “Ahora estás contenta, verdad,” kreeg ik op straat van buren en vrienden te horen. “Estoy en la gloria,” antwoordde ik stralend.

Stel dat we op een dag naar België verhuizen, dan hoop ik echt dat massa´s mensen me gaan vragen waarom ik teruggekomen ben, zodat ik hen met uitgestreken gezicht kan antwoorden: “Voor het weer.”

 

 

Tussendoor

Ik schrijf normaal geen posts tussendoor. Meestal denk ik dagenlang na over het thema, schrijf een klad, bewerk het klad, verbeter de uiteindelijke versie.

Maar nu zit ik op de metro, op weg naar de zangles in Alboraya, en denk: f*ck it, laat ik gewoon even schrijven over nu. Over hoe zwaar het me nog steeds valt om zo vaak moe te zijn terwijl ik zo weinig doe. Over hoe blij ik ben dat ik bijna geen migraine meer heb, maar hoe bezorgd dat ik tegen depressies moet blijven vechten. Over hoe fijn het is zoveel tijd met mijn dochter door te brengen, maar hoe moeilijk ik het vind een huisvrouw te zijn. Hoe ik de wereld buiten de deur probeer te houden omdat ze me overweldigt, maar ze te interessant vindt om te negeren en er ook actief deel van wil uitmaken. Hoe ik mezelf tegen het licht blijf houden in de hoop op inzicht. Hoe ik zegeningen en vloeken tel. Hoe ik elke dag blijf worstelen met verleden en toekomst en altijd het gevoel heb ongemakkelijk en alert in een metro te zitten en niet rustig comfortabel in een sofa.

Próxima parada: Alboraya Peris Aragó.

Niet nalezen. Gewoon versturen.

Dat mag ook wel eens.

Aanpassen vs integreren

Tijdens mijn jeugd heb ik nogal vaak (zij het niet in familiale kringen) het zinnetje “vreemdelingen moeten zich aanpassen” gehoord. Dat ging dan over inburgeringexamens waarin migranten moesten aantonen dat ze bloemkool met witte saus konden maken enzo.

Ik had daar nooit echt een mening over -hooguit dacht ik: misschien moet ik zelf maar eens witte saus leren maken.

Nu ben ik ondertussen al meer dan elf jaar zelf een vreemdeling, en is mijn mening over die stelling min of meer gevormd. Ik vind namelijk niet dat nieuwkomers zich zomaar moeten aanpassen aan de normen, waarden en gebruiken van hun gastland. Want sommige normen, waarden of gebruiken van dat gastland zijn misschien minder nobel, gezond of duurzaam dan die waarmee de nieuwkomers vanuit hun geboorteland zijn komen aanwandelen.

Een concreet voorbeeld: moest ik mij volledig hebben aangepast aan de heersende cultuur van mijn gastland, dan zou ik er geen graten in zien kleine kinderen tot ver na middernacht wakker te houden, gewoon omdat ik zelf zo lekker zit te tafelen met mijn vrienden. Doorheen de jaren heb ik, omwille van de lieve vrede, wel geleerd toegevingen te doen, maar dochterlief gaat stelselmatig vroeger naar bed dan haar leeftijdsgenoten, zeker wanneer er schooldagen in het verschiet liggen.

Anderzijds zijn er Vlaamse gewoonten die ik met veel plezier heb ingeruild voor hun Valenciaanse tegenhangers: ik eet nu bijvoorbeeld vijf lichtere maaltijden per dag in plaats van drie zwaardere. Ook geef ik (letterlijk) meer schouderklopjes, spreek sneller onbekenden aan, trek me minder aan van imperfecties. Dat zijn allemaal gewoonten die me op een of andere manier gezonder, nobeler of duurzamer leken dan degene waarmee ik ben opgegroeid.

Kort gezegd: ik vind niet dat nieuwkomers zich zomaar klakkeloos moeten aanpassen. Voor mij heeft elke migrant het recht en de verantwoordelijkheid om voor zichzelf uit te maken wat hij of zij waardevol vindt aan de cultuur van oorsprong, en welke waarden en gewoonten uit het gastland de moeite lijken om over te nemen. Ik hou van het idee van culturele wisselwerking, waarbij we allemaal, nieuwkomers en geboortelandblijvers, naar een hoger plan getild worden omdat we voor elkaar openstaan en van elkaar leren.

Maar daarvoor heb je wel integratie nodig -volgens Van Dale het maken van of opnemen in een groter geheel. En dat betekent voor mij: als nieuwkomer deel uitmaken van het sociale weefsel van je nieuwe woonplaats. Door met anderen te praten, vrienden te maken, je aan te sluiten bij een lokale vereniging. Of die integratie slaagt, hangt natuurlijk van de goodwill van beide partijen af, maar ik veronderstel dat daar heelder theorieën over geschreven zijn door mensen die er veel meer van weten dan ik, dus ga ik daar liever niet verder op in.

Ter conclusie: voor mij is aanpassen en integreren niet hetzelfde. Als ik met mijn Spaanse vrienden ga barbecueën en een salade meeneem, heb ik mij niet aangepast (want barbecueën doe je met vlees; groenten zijn voor konijnen). Maar ik ben wel geïntegreerd, want ik spendeer de hele namiddag in het gezelschap van mijn Spaanse vrienden en ik nip een bodempje van Loles´ heerlijke sangría en laat de hilariteit die daardoor ontstaat ( ¡ojo, Kathleen drinkt nooit alcohol dus nu gaan we wat meemaken!) over me heengaan. Ik knijp een oogje dicht omdat we weer op plastic borden hebben gegeten, zij knijpen een oogje dicht omdat ik weer als eerste naar huis ga om dochterlief op (Belgische) tijd in bed te steken. Leven, laten leven en lol maken.

Migratie hoeft geen problematiek te zijn. Denk ik dan.

 

 

 

 

Moeras

(Voor wie genoeg begint te krijgen van de posts over depressie: ik zal binnenkort nog wel eens iets lichts posten, hoor. Maar deze moet er zeker nog door.)

Gisteren sprak een vriendin me aan over een kennis die depressief is. “Ik heb hem aangeraden naar een psycholoog te gaan,” zei ze, “maar hij wil niet. Hij heeft me letterlijk gezegd: ik wil niet beter worden.”

Die woorden deden me denken aan een opmerking van Loes op een van mijn vorige posts. Ze schreef: Hoe is dat met depressie? Is dat iets waarbij je op dat moment denkt ‘ik zou alles doen om er weer uit te komen’ of saboteer je jezelf daar ook in?

Volgens mij staat het duidelijkste antwoord op die vraag in het (kinder!)boek The Neverending Story van Michael Ende. Een van de meest aangrijpende scenes uit het boek is die waarin het paardje Artax sterft in het Swamp of Sadness. Toen ik jaren later de film zag, dacht ik: ja, dat is het helemaal. Zo voelt depressie: je wordt naar beneden gezogen en diep vanbinnen wil je je gewoon laten meezakken. Je wordt zodanig bedwelmd door de giftige gassen die uit het moeras opstijgen, dat je soms zelfs je eigen ondergang bespoedigt. En dat is natuurlijk wat depressie zo gevaarlijk maakt.

 

 

 

 

 

 

 

 

Duimen maar: de after-party

Vanmorgen kreeg ik een mailtje in de bus waarin dit leuke zinnetje stond:

“We hebben ondertussen, in overleg met De  Standaard, beslist om je tekst te gebruiken voor de grote finale met de winnaars van de app en met de winnaars van de bibs op 6 december. (…) Mogen we je daarom wel vragen om je tekst echt voor jezelf te houden en deze niet te verspreiden.”

Tekst?
Welke tekst?
Weten jullie iets van een tekst?
Ik weet van niks!