De uitgestelde uitgave

Ik heb al meer dan een maand niets meer van de uitgever gehoord, mijn whatsapps en mails blijven onbeantwoord. Dus ja, het boek komt er niet in juni, zoveel is nu wel duidelijk.

Het wordt blijkbaar een nog zwaardere bevalling dan gedacht, maar hey, het komt er vast wel, op de één of andere manier.

Ik ga er voor de rest niets meer over zeggen, en heb ook de commentaren op deze post uitgezet. Maar wie wil, kan me er natuurlijk over mailen (mijn mailadres vind je hier.)

Vijf wolvenwelpjes

“Toen ik zwanger werd, in 1993, deed ik een opvallende ontdekking,” schrijft literair recensent Laura Freixas. “Als dochter van een familie van lezers (vooral mijn moeder), en opgeleid aan een uitstekende school (het Licéo Francés in Barcelona) was mijn leven tot dan toe een constante dialoog geweest tussen ervaring en literatuur, tussen wat beleefd werd en wat gelezen werd.”

Zo bereidde ze zich voor op een verblijf in Parijs door boeken over Parijs te lezen –geen reisgidsen, maar romans die zich in die stad afspeelden. Boeken begeleidden haar doorheen de verschillende fasen in haar leven, hielpen haar nadenken over het verloop van de tijd of de dynamieken in een relatie. Het was voor haar dan ook een logische reflex om, toen ze zwanger werd, op zoek te gaan naar romans over het moederschap.

Maar tot haar verbazing vond ze die niet.

“Als ik wilde lezen over wat er met me gebeurde, als ik voorbeelden zocht, ervaringen, overpeinzingen of gevoelens wilde delen, had ik geen andere optie dan me te wenden tot praktische boeken, de zogenaamde “zelfhulp” sectie in de boekenwinkels, de magazines met titels als Tu bebé of Ser padres. Geen kunst, geen geschiedenis, geen kritiek; niets van literair of filosofisch belang. Niets wat vergeleken kon worden met wat de Ilias, Cantar de mio Cid of Voyage au bout de la nuit betekenen voor de oorlog. Enkel echografieën, boertjes en voeding in potjes.”

Moeders waren wel aanwezig in de literatuur, maar voornamelijk als demonische wezens type Medea, ofwel als halve heiligen die zichzelf volledig wegcijferden. Uiteindelijk vond Freixas een paar boeken waar wel op te steunen viel, onder andere Sido van Collette en Une mort très douce van Simone de Beauvoir. Boeken die vaak over het hoofd worden gezien.

Waarom is het een gemis dat er die leegte gaapt in onze cultuur waar het op moederschap aankomt?

Ik zal die vraag beantwoorden met wat mij gisteren overkomen is.

Gisteren ben ik in mijn eentje naar de cinema gegaan. Ik ben Cinco Lobitos gaan kijken, de eerste langspeelfilm van Alauda Ruiz de Azúa. Cinco lobitos verwijst naar een kinderliedje wat hier gezongen wordt: cinco lobitos tiene la loba, blancos y negros detrás de la escoba. Wat zoveel betekent als: vijf welpjes heeft de wolvin, witte en zwarte achter de bezemsteel. Daarbij wordt dan met de handen gedraaid zoals we in Vlaanderen doen wanneer we handjes draaien, koekebakken vlaaien zingen. De film won vier prijzen op het Málaga Film Festival en werd door Perdo Almodóvar het beste Spaanse debuut in jaren genoemd.

Al in een van de eerste scènes zag ik iets wat ik nog nooit op het grote scherm gezien had, maar wel aan den lijve had meegemaakt: een vrouw die net bevallen is en een pijnlijk gezicht trekt wanneer ze gaat zitten (want ze is gehecht). Ook wanneer ze haar baby de borst geeft, vertrekt haar gezicht van de pijn.

Zelf heb ik vier maanden lang op mijn knokkels moeten bijten tijdens de borstvoeding voor het vanzelf ging, maar dat was dus iets wat ik in die drie decennia waarin ik tv en film keek NOG NOOIT gezien had. Ik heb wel soldaten zien sterven op het slagveld, honderden, duizenden keren heb ik gezien hoe voornamelijk mannen door de eeuwen heen en zelfs in fantasiewerelden doorspiest werden door pijlen en speren, doorzeefd met kogels, weggedragen werden op berries of crepeerden tussen de lijken van hun kameraden (en ik ben niet eens iemand die graag naar oorlogsfilms kijkt of daar specifiek naar op zoek gaat). Maar nog nooit had ik een vrouw een pijnlijk gezicht zien trekken bij het geven van de borst.

Ook de rest van de film haalde de ene na de andere emotionele herinnering boven: de tederheid bij het aankleden van je baby, de onmacht bij het verliezen van je werk, de moeizame relaties tussen de verschillende generaties. Ik ben niet iemand die uitzonderlijk snel huilt bij films, maar gisteren heb ik bijna van begin tot einde zitten janken. Mijn wangen waren nat van de tranen. Ik heb een keer of drie mijn bril moeten afzetten omdat hij van mijn neus gleed en ik hem weer droog moest wrijven. Dat heb ik nog nooit meegemaakt bij een film (ook niet bij een boek trouwens). Kennelijk is er tien jaar geleden veel gebeurd wat nog niet helemaal verwerkt was en bleek deze film pure therapie.

Ik ben blij dat deze verhalen eindelijk het grote scherm halen, dat er een inhaalbeweging is ingezet. Want we hebben erg veel in te halen.

Een paar duizend jaar.