Sheldon Cooper en de migraine-vaardigheden

Om met migraine om te gaan, moet je een paar vaardigheden ontwikkelen.

Tijdens de aanval:

Dat is de meest voor de hand liggende: daar liggen en de pijn verdragen. De linkerhelft van je lichaam niet kunnen bewegen. Uren wachten tot de blindheid en de flitsen overgaan. Wachten tot je weer woorden kan vormen. Niet panikeren. Proberen de tijd te vergeten, hoewel je niets kan zien en niets kan denken en geen controle hebt over het verloop.

Na de aanval:

Wanneer het ergste gepaseerd is, ben je natuurlijk nog een paar dagen groggy. En in die fase komen de doemgedachten opzetten. Wanneer komt de volgende aanval? Hoe haal ik mijn werk weer in? Ga ik ooit normaal kunnen leven? Ga ik ooit een job kunnen hebben? En is het normaal dat ik mijn hand nog niet goed voel / gezichten van mensen nog steeds een beetje vreemd zie/ over mijn woorden struikel?

In dit geval helpt het je bezig te houden met de dingen die je alweer kan, hoe weinig het soms ook is, en veel te rusten. En, zoals ik al eerder geschreven heb, depressieve neigingen aan te pakken met dezelfde kalmte als de migraine-aanval.

Vóór de aanval:

Maar ook op migraine-vrije dagen moet je mentaal goed gewapend zijn. Want het kleinste vlekje op je netvlies of een tinteling in je vinger kan de alarmbel doen afgaan. Is dit aura? Ben ik okee of moet ik nu meteen alles afzeggen en naar huis proberen te geraken? Kan ik morgen naar dat verjaardagsfeest of niet? Kan ik morgen die vlucht nemen of niet? Het duurt soms een seconde of tien voor het duidelijk is. En de frequentie kan oplopen tot een keer of zeven per dag.

De Sheldon Cooper vaardigheid:

En dan is er nog een vaardigheid waar ik me bewust van werd toen ik deze video zag: een glimp achter de schermen bij The Big Bang Theory. Chuck Lorre, een van de makers van de serie, vertelt daarin dat er vanuit de fanbasis veel druk was om Sheldon Cooper (*) een relatie te laten beginnen. Hij wou het personage echter niet teveel toegevingen laten doen, omdat het net een van Sheldon´s charmes is dat hij zijn leven onder zijn eigen voorwaarden leeft, hoe sterk die soms ook afwijken van de norm. (**)

En daarom blijft Sheldon meester van zijn eigen plekje op de sofa, hebben hij en zijn vriendin maar één keer seks per jaar, en ondertekenen zijn vrienden in variërende mate van gewilligheid de contracten die dit eccentrieke genie met veel plezier opstelt.

En dat, besefte ik, is een vaardigheid die ook ik nodig heb, de afwijkende hoedanigheid van mijn gezondheidstoestand in acht genomen. Een skill waar in mijn geval nog veel werk aan is. Want hoe kan je je leven inrichten op een manier die volledig ingaat tegen de huidige normen en verwachtingen? Hoe kan ik een ruimte scheppen voor mezelf waarbinnen ik gezond, gelukkig en comfortabel kan leven, wanneer het materiaal dat ik daarvoor nodig heb niet in het bouwpakket zit dat in onze maatschappij wordt uitgereikt?

Hoe kan ik ervoor zorgen dat ik me niet meer overrompeld, schuldig, zwak, oververmoeid, nutteloos, bang, ziek, afhankelijk, … voel?

Door eraan te werken, natuurlijk, want dat is wat je met vaardigheden doet.

Ik hang een foto van Sheldon aan de muur.

Dat lijkt me alvast een goed begin.

 

 

(*) Voor wie Sheldon niet kent: dit personage is een geniale wetenschapper die duidelijk ergens op het autisme spectrum zit.

 

(**) “I didn´t want to miss out on an opportunity to have a character living life on his own terms. And that´s what´s wonderful about these characters, and particularly Jim´s character: he´s living life on his own terms.”  16:15 – 16:35

 

 

Ontrouw (Of: less is more)

Ik las bij Odile Schmidt over een schrijfwedstrijd met als thema “Verboden vruchten”. Ideaal, dacht ik, want daar had ik een paar jaar geleden al eens een kortverhaal over geschreven. Bleek echter dat de limiet 500 woorden was, en mijn verhaal er meer dan 700 telde. Snoeien dus. Maar tijdens het snoeien zag ik dat er heel wat schortte aan de tekst. Het is dus een nuttige knipbeurt geweest. Om het helemaal op punt te krijgen, zou ik er best toch weer wat aan toevoegen, maar voor een blog lijkt de 500-woorden versie me wel lang genoeg. Dus voor wie zin heeft, hier is het kortverhaal:

Ontrouw

Van buitenaf had het een goed idee geleken. De handgeschilderde letters “Café Au Jolicoeur” op het vensterglas hadden hem het gevoel gegeven dat ze hem wenkten. Maar zodra Marcel het café binnenstapte, kwam het schuldgevoel aanrollen als een vloedgolf. Hij durfde toen echter niet op zijn voetstappen terugkeren en nam aarzelend plaats op een barkruk aan de toog.

Het café was licht en ruim. Aan een tafeltje bij het raam zaten twee jonge vrouwen samenzweerderig te praten over een onderwerp dat hen af en toe ondeugend deed giechelen. Studentes, vermoedde Marcel, ofwel oud-studiegenoten die kwamen bijkletsen. In hun ogen kon hij zien hoe opwindend het leven kon zijn, en dat sleur voor hen voorlopig slechts een woord was, geen gevoel.

Wat verderop aan de toog zat een vrouw met lange, rode krullen. Ze was elegant gekleed en zat te lezen in een boek dat ze met één hand op de toog opengeslagen hield. Ze droeg geen nagellak en voor zover Marcel kon zien ook geen lippenstift, hoewel hij dat om de een of andere reden van een vrouw als zij net verwachtte. Misschien droeg ze al genoeg rood in haar haren, bestond er een quotum voor dat soort dingen. Marcel glimlachte even. Zaken waar hij nog nooit over nagedacht had. Hij moest toegeven dat het hem plezierde er eens over na te denken. Maar het welbehagen opgewekt door deze observatie kon zijn ongemak niet verjagen.

“Wat zal het zijn?”

Hij keek betrapt op, recht in het gezicht van de barman. Het was een jonge kerel met perfect getrimde bakkebaarden.

“Een pintje,” mompelde Marcel.

En toen zag hij opeens zichzelf, in de spiegel achter de toog. Zijn gezicht rood van schaamte, zijn blik geschokt door de plotse confrontatie. Bewust een fout maken is één ding, maar jezelf ook nog eens recht in de ogen kijken terwijl je ermee bezig bent, is nog heel iets anders.

Marcel wachtte niet op het bier. Hij gooide een stuk van twee euro op de toog, en liep snel het café uit.

De daaropvolgende avond ging hij zoals vanouds naar café Den Toren. De weg naar zijn plek aan de toog werd door de eeuwige rookwalmen aan het zicht onttrokken -wat niet deerde want hij kon het traject blindelings afleggen. Zodra hij zich op zijn vertrouwde kruk had genesteld, stond er al een pint voor hem klaar. Langzaam keek hij op.

Raymond stond vlak voor hem, de dikke armen over elkaar geslagen, zodat de zeemeermin op zijn rechterarm onder de walvis op zijn linker doorzwom. Marcel prees zich gelukkig dat de tapkast tussen hen in stond.

“We hebben u gemist, gisteren,” zei Raymond vanonder zijn snor, op een toon die allerminst de gevoelswaarde van zijn woorden onderschreef.

“Ziek, moest thuisblijven,” prevelde Marcel.

“Jaja,” gromde de barman. “Ziek.”

Marcel zette het glas aan zijn lippen en liet het lauwe bier in zijn mond stromen. Met zijn ellebogen steunend op de toog probeerde hij het biljartspel van Ronny en André te volgen.

Het lukte hem van geen kanten.

 

 

 

 

Lol versus perfectie

Sinds september doe ik mee met de jazzband hier op de muziekschool, die verstopt gaat achter de naam “Taller de música creativa” (workshop creatieve muziek). Die groep bestaat uit drie saxofonisten, een trompettist, een contrabassist, een vioolspeler, een drummer, en twee stemmen: Laura (mijn betoverende, goedlachse partner-in-crime uit de zangles) en ik. De groep wordt geleid door David, de energieke leraar contrabas die kan zwaaien als een dirigent en pianospelen tegelijkertijd.

Verleden donderdag hadden we repetitie, en als voorbereiding op de audición van volgende week hebben we een uur aan een stuk hetzelfde nummer gerepeteerd: Hit the road, Jack.

Dus daar stonden we, op het podium, voor een lege zaal. De drummer tikte af, de saxofoons zetten in, David dreunde de akkoorden mee op de piano. En ik draaide me naar Laura, en zong:

O woman, o woman, don´t you treat me so mean.

You´re the meanest old woman that I´ve ever seen.

 

En die prachtige, vrolijke Laura grijnsde terug en repliceerde:

 

Well I guess if you say so, I´d better pack my things and go!

 

Na de vierde of vijfde keer het hele nummer doorlopen te hebben, riep Manolo vanachter zijn contrabas: “Wacht even, ik ga het opnemen!” en liep hij met zijn mobiele telefoon de zaal in.

Later die avond stuurde hij de opname door via whatsapp. Eerst klonken er een halve minuut aanwijzingen in de trant van “Nee Manolo, zet het wat verder!” en toen begon het nummer. Tijdens het luisteren naar mezelf merkte ik iets op wat ik eigenlijk al langer vermoedde, namelijk dat mijn stem eigenlijk niet zo geschikt is voor dit soort muziek. Ze is een beetje te braaf, te licht, niet rauw genoeg. Een vriend die operazanger is, heeft me eens gezegd dat ik een musicalstem heb. Ideaal voor ballades en Disneysongs, maar minder geschikt voor jazz- en soulwerk.

Maar ik hoorde nog iets anders in de muziek. Ik hoorde hoeveel plezier we hadden tijdens de opname. Ik zag weer voor me hoe Laura en ik hadden staan zwaaien en draaien op het podium, hoe we gelachen hadden en genoten, temidden van al die good vibes, omgeven door die geweldige instrumenten en enthousiaste muzikanten (die er ook wel eens compleet naast speelden, trouwens). En toen dacht ik: so what als ik geen jazzstem heb? Ik blijf gewoon lekker in die groep zingen want het is supertof. We zijn geen professionals, en godzijdank. We spelen zonder druk en zonder zorgen. En da´s de allerfijnste manier van spelen.

Daarom heet het trouwens spelen.

 

 

 

Tip van de Week!

 

Uw toegewijde is op azertyfactor door Karel Sergen uitgekozen tot Tip van de Week met het kortverhaal De Vlucht (een verhaal dat ook al eens door Marnix Peeters getipt was, by the way). En wat heeft hij daar mooie dingen over gezegd, ik zit hier nog te blozen… En ik ga nu eens even niet te bescheiden zijn om dat hieronder te herhalen:

“Wat Suzan als personage in dit flitsverhaal interessant maakt is dat ze in haar bruidsjurk het vliegtuig neemt naar Bangkok. Nog interessanter is dat ze geen geliefde bij zich heeft. Ik hou van bizarre personages en bizarre situaties, precies omdat ze in een verhaal neerzetten wat we ons durven verbeelden maar nooit zelf realiseren. Goede literatuur verbreedt grenzen op een manier dat het aannemelijk wordt. Daarvoor heb je wel de juiste tekening van het personage nodig en een precieze, intrigerende sfeerschepping. Daar is Kathleen in geslaagd. 

Een voorbeeld: we worden zo door Suzan op sleeptouw genomen dat we ons niet gaan afvragen waarom die man daar nu niet bij is, wat die of wat zij de dag voordien (was het wel de dag voordien?) hebben uitgespookt. Geen platte nieuwsgierigheid maar haar nieuwe beleving houdt ons aan het lezen. En de apotheose, een soort imaginaire zweeftocht van de bruid in het gangpad van het vliegtuig, luid toegejuicht door het publiek, voelt zalig aan. Het personage ervaart een bevrijding door wat het zelf heeft gekozen én door de omstandigheden waarin zij terecht komt.

De hilarische toiletscène vooraf heeft ook een functie: met veel vestimentaire moeite heeft ze zich ontlast. Ze is nu klaar om alle ballast af te gooien die haar zou hebben belemmerd om van een ware ‘bruidsgang’ te genieten. Een symbolische geladenheid vind je uiteraard ook in de titel ‘De vlucht’, een flauwe vondst als het niet door een sterk verhaal zijn ware betekenis kon krijgen. Kathleen kan schrijven. Ze houdt zich ver van analytisch gezwets of sentimentele tussendoortjes. Het verhaal trekt zich door via theatrale beelden in een stijl die tegelijk nuancerend beschrijvend is én kordaat genoeg om niet verloren te lopen in bloemrijke opsommingen.

Op het einde drinkt Suzan gulzig van het flesje water dat op de stoel ligt van haar afwezige partner. Zo mocht ik ook dit verhaal tot mij nemen, als onzichtbare lezer, omdat het helder en lekker ontwrichtend was voor mijn verbeelding. Waartoe dient literatuur anders?”

 

Hartelijk dank, mijnheer Sergen, u hebt mijn week goed gemaakt 🙂

 

 

 

Een Border Collie Brein in 1847

Ik was eerder per ongeluk een exemplaar van Jane Eyre tegengekomen, en mijn voornemen het te lezen was gepaard gegaan met het mentaal opstropen van de mouwen. Het ging immers om een boek uit 1847. Moeilijke woorden, lange zinswendingen, ellenlange  landschapsbeschrijvingen,… ik was er helemaal klaar voor.

Een totaal overbodige voorbereiding, zo bleek. Het leest vlotter en meer to the point dan de laatste moderne, Nederlandstalige boeken waar ik me doorgeworsteld heb. Maar dat was niet de enige verrassing: ik ben namelijk helemaal mee met de schrijfster, Charlotte Brontë. Ze werd geboren in april 1816, dat is dus tweehonderd jaar geleden. Maar ik heb het gevoel dat we perfect even samen iets zouden kunnen gaan drinken bij de bakker hier op de hoek en dat met haar van gedachten wisselen een pak makkelijker zou gaan dan met een hele hoop van mijn tijdgenoten.

Toegegeven, ik zit nog maar aan hoofdstuk 13, maar ik kon het niet laten er al iets over te schrijven, want ik heb zo het vermoeden dat juffrouw Brontë een Border Collie Brein bezat. Een mooi stukje daarover bijvoorbeeld:

“It is in vain to say human beings ought to be satisfied with tranquillity: they must have action; and they will make it if they cannot find it. Millions are condemned to a stiller doom than mine, and millions are in silent revolt against their lot. Nobody knows how many rebellions besides political rebellions ferment in the masses of life which people earth. Women are supposed to be very calm generally: but women feel just as men feel; they need exercise for their faculties, and a field for their efforts as much as their brothers do; they suffer from too rigid a restraint, too absolute a stagnation, precisely as men would suffer; and it is narrow-minded in their more privileged fellow-creatures to say that they ought to confine themselves to making puddings and knitting stockings, to playing on the piano and embroidering bags. It is thoughtless to condemn them, or laugh at them, if they seek to do more or learn more than custom has pronounced necessary for their sex.”

(Charlotte Brontë, Jane Eyre, p 141)

In 1847, dames en heren. Alstublieft.

 

 

 

De Accidenteel Gender-evenwaardige Boekentijdlijn (om maar eens een titel te geven)

Op mijn 35e verjaardag, ondertussen een jaar geleden, nam ik me voor 100 boeken te lezen alvorens de kaap van 40 te bereiken (is dat Kaap De Goede Hoop?)

Ondertussen heb ik er ongeveer 20 achter de kiezen, en wat me opviel toen ik onlangs de lijst eens bekeek, was dat mijn keuze tamelijk gespreid is waar het de leeftijd van deze boeken betreft. Dus heb ik voor de aardigheid (en ook om het autistje in mij te bevredigen) een tijdlijn gemaakt:

1906 – The Railway Children (Edith Nesbit)

1934 – Burmese Days (George Orwell)

1945 – The Catcher in The Rye (J.D. Salinger)

1960 – To Kill a Mockingbird (Harper Lee)

1962 – Noten Kraken (Godfried Bomans)

1974 – Monty Python and the Holy Grail (Monty Python)

1982 – The Secret Diary of Adrian Mole, aged 13 ¾ (Sue Townsend)

1987 – The Commitments (Roddy Doyle)

1998 – Round Ireland With a Fridge (Tony Hawks) (staat er nog niet bij, maar bijna uit)

2001 – Zijn Broer (Philippe Beson)

2006 – Eat, Pray, Love (Elizabeth Gilbert)

2008 –The Migraine Brain (Carolyn Bernstein)

2009 – Letter To My Daughter (Maya Angelou)

2009 – An Education (Nick Hornby)

2012 – This Is How You Lose Her (Junot Díaz)

2014 – The Woman Who Stole My Life (Marian Keyes)

2014 – Totes Les Cançons Parlen De Tu (Xavi Sarrià)

2015 – More Fool Me (Stephen Fry)

2015 – Big Magic (Elizabeth Gilbert)

2015 – Dertig Dagen (Annelies Verbeke) (heeft nummer 0 omdat ik er al in bezig was vóór mijn verjaardag)

 

* De boeken die ik niemand aanraad: Eat, Pray, Love en More Fool Me.

* De boeken waar ik mee gegrinnikt heb: Noten Kraken en The Secret Diary of Adrian Mole

* De boeken waar ik hardop mee gelachen heb: Monty Python and The Holy Grail, en Round Ireland With a Fridge

* De boeken die mij gepakt hebben: Burmese Days en Dertig Dagen

* De boeken die mij vree gepakt hebben: The Catcher In The Rye en To Kill A Mockingbird

* Het boek dat mijn leven veranderd heeft: The Migraine Brain

En wat het feministje in mij het mooiste vindt aan die ganse opsomming, is dat er in de lijst ongeveer evenveel vrouwelijke als mannelijke schrijvers staan, en dat er (werkelijk geheel toevallig) in bijna elke van bovenstaande categorieën zowel een man als een vrouw staat.

Zomaar vanzelf!

Jeej, het kan!

Lezen out-of-the-box

De boekenbijlages in Vlaamse tijdschriften gaven mij altijd het idee dat lezen iets is wat vooral in de vakantie gedaan wordt, en dat het daarbij voornamelijk om romans gaat -liefst van al een “spannend boek”. Je kent dat beeld wel, van dat stapeltje boeken naast de strandstoel, dat stuk voor stuk afgewerkt wordt.

In een ver verleden heb ik dat ooit een keertje zo gedaan. Het was in de tijd dat ik nog naar Spanje op vakantie ging, omdat de familie van mijn toenmalig Belgisch lief een appartement had aan de Costa del Sol. Tijdens een van die vakanties heb ik een stapeltje antieke Zweedse detectives uit de boekenkast gehaald en die onder een strandparasol een voor een uitgelezen.

Maar normaal gezien staat mijn manier van lezen daar mijlenver vanaf.

Eerst en vooral omdat ik niet alleen op vakantie lees, maar het hele jaar door. Op sommige dagen lees ik niets, op andere dagen heb ik slechts een kwartiertje de tijd. Maar twintig dagen lang een kwartiertje, is vijf uur. Best de moeite, lijkt me dat.

Vervolgens omdat ik meestal in vijf boeken tegelijkertijd bezig ben. Elk boek heeft daarbij een tijd en plaats: zwaardere literatuur voor een vrij uur overdag, iets grappigs voor op de wc, een pocket voor op de metro, iets ontspannends voor het slapengaan. Daardoor duurt het soms maanden voor ik een boek effectief uit heb, maar vaak heb ik dan opeens drie boeken op een week uit. Dus uiteindelijk komt het op hetzelfde neer.

Maar de belangrijkste verandering in mijn leesgedrag is er gekomen toen ik begonnen ben met het lezen van non-fictie. Boeken geschreven door experts zijn een onvoorstelbare bron aan kennis. Mijn favoriete partner in crime is hierbij wordery.com: wat een heerlijke manier om makkelijk, snel en goedkoop aan Engelstalige boeken te geraken. (Dat lijkt op reclame, maar ik word hier niet voor betaald hoor. Het is gewoon een hint voor wie amazon wil omzeilen….)

 

En jullie, hoe lezen jullie?

 

 

 

 

Schrijvende moeders

U ziet het, dit blogpostje komt met een dag vertraging.

Waarom?

Omdat er zoveel andere dingen te doen waren: boodschappen doen, eten maken, afwassen, lessen voorbereiden, lesgeven, was insteken-uithalen-ophangen-opplooien-wegleggen, stofzuigen, dochter naar school brengen, dochter van school halen, opvoedkundig geïnspireerd dreigen en plein public, verjaardagsfeestje, muziekschool, dochter wassen, helpen omkleden, helpen tanden poetsen, verhaaltje voorlezen, troosten, zingen, dansen, tekenen, helpen met kleuterhuiswerk, etcetera.

Daarom vandaag een toepasselijk gedichtje van de onovertroffen Annie M. G. Schmidt: (met dank aan Sofie voor de last-minute inspiratie)

 

Moeder dicht

Mijn bladerloze schaduw mijdt het water.
Ziezo hè hè, de eerste regel staat er.
en speurt de witte angst van later
Ga weg! Ga spelen met je transformator!
Je ziet toch dat je moeder zit te dichten.
ik wend mij af en doof mijn vale lichten
ik heb tedúm, tedúm tedúm geweten
Dat vul ik later in. Na ’t middageten.
mijn weemoed maakt de koele vlinders wakker
van mijn getooide zelf. Daar is de bakker!
Zeg maar: een halfje bruin en een heel wit.
o grijze schim die daar zo heilloos zit
ik zie mijn grijze droefheid aan de kim.
Da’s tweemaal grijs. Dat kan niet. naakte schim
aan wie ik al mijn zachte treurnis zeg
En nog een rol beschuit! O is ie weg?
als dauw die druppelt van de trage bomen
Als jij nog één keer binnen durft te komen,
Dan krijg je geen vanillevla vanavond!
zo druppelt in dit hart te zeer gehavend
Je moeder dicht. Ze heeft geen tijd, totaal niet.
Als vader thuiskomt gaat het helemaal niet.
Je moeder zou een Shakespeare kunnen zijn.
Ze is het niet. Dat komt door jouw gedrein.
Daar gaat ie weer.
O humtum klaar en koel
in ’t land van late regen en ik voel
mijn schamelheid. Een heer met een kwitantie?
Zeg maar: m’n moeder is met kerstvakantie.
mijn schamelheid. Wat is dat? Hoofdje zeer?
M’n schatje toch… Gevallen met je beer?
Je moeder komt…na na .. daar is ze al.
Wees nou maar zoet – ’t genie staat weer op stal.

 

 

 

Het varkentje dat altijd lachte

(Ik schrijf normaal gezien niet specifiek voor kinderen, maar tijdens het voorlezen kwam er eens een gedichtje aanwaaien, en dat heb ik toen met plezier afgebreid. Een geschikt begin voor deze vrolijke kleutermaand 🙂 )

Het varkentje dat altijd lachte

Er was eens een klein varkentje

dat altijd, altijd lachte.

Als hij bij de bakker op zijn

croissantjes stond te wachten,

dan stond hij daar te giechelen

van “hihi” en “hoho”…

Dat klinkt misschien wat vreemd,

maar het was nu eenmaal zo.

 

Zelfs als er niets te lachen viel,

dan nog kon hij ´t niet laten.

Hij grinnikte op de pleinen

en hij proestte in de straten.

Toen moest hij ZO hard lachen

dat hij omviel van de pret!

Met vier man en een paard

hebben ze hem weer recht gezet.

 

En toen hij later de video

van die lachstuip kreeg te zien,

toen lachte het vrolijke varkentje

nog luider dan voordien.

 

 

 

April en de kleuters

April wordt kleutermaand!

Elke vrijdag ga ik iets posten dat op een of andere manier met het kleuterleven te maken heeft. Ik heb daar twee goede redenen voor:

  1. kleuters en creativiteit, dat gaat geweldig goed samen
  2. mijn eigen kleuter verjaart deze maand, hihi 🙂

 

Wat het precies gaat worden, daar ben ik nog niet helemaal uit. Hm, dat wordt spannend…