Reclaam: embrace your voice (Griet Samain)

Ik heb onlangs iets gewonnen op Instagram! Jeej!

Het was een online workshop genaamd “Embrace you voice“. Ik had er geen idee van wat dat inhield, maar omdat alles wat met zingen te maken heeft mij interesseert, had ik me toch voor de wedstrijd opgegeven.

Op het uur van de waarheid (dat was 20u op een maandagavond) klikte ik op de Zoomlink die me was doorgemaild, en zo kwam ik terecht op de zolder van Griet Samain, die de workshop leidde. Ik zag ook de andere deelnemers in kleinere venstertjes, ieder in hun eigen kamer, de grote lichten uit, gezellige sfeerlampjes en kaarsen aan. En toen begonnen we te zingen. Griet liet haar microfoon aanstaan, uiteraard, maar de deelnemers zetten tijdens het zingen hun microfoon uit. Zo konden we allemaal lekker zingen hoe we wilden, zonder ons zorgen te maken over hoe het zou klinken.

We deden ademhalingsoefeningen en zongen mantra´s, voorgezongen en begeleid door Griet, die af en toe de piano afwisselde voor een gitaar.

When I breathe in I find peace

When I breathe out I find home

Ik hoorde mijn eigen stem en die van Griet. Ik zag de andere deelnemers meewiegen op de muziek. We zongen, bleven zingen, en gaandeweg voelde ik me loodrecht naar beneden zakken op de spiraal die de tijd is, en terechtkomen in de jaren ´70, in een kleine, warme gemeenschap van vredewensers, die doorheen de muziek verbinding maken en hun hart openzetten.

Wat een mooie ervaring was dat.

Eentje waar ik dus graag (ongevraagd, laat dat duidelijk zijn) reclame voor wil maken. Want misschien zijn er nog mensen die even vanachter hun computer op deze manier aan het coronatijdperk willen ontsnappen. Hun hart willen openstellen. Verbinding maken.

Je kan Griet vinden op www.grietsamain.be en via instagram op @grietsamain. Info over de online sessies vind je hier.

En voor wie gewoon even van haar mooie stem wil genieten:

Kerst in de “peatonal” en een bedenking

Dit is hoe wij kerst gevierd hebben op 24 december.

´s Middags aten we met mijn schoonfamilie buiten op het terras. We waren met exact 6 volwassenen en 1 kind. Alle nootjes en chips gingen in aparte kommetjes om speekseloverdracht tijdens te graaien te voorkomen, een ingreep waar sommigen wat lacherig over deden. Nadien zaten we nog even in het late winterzonnetje, en namen we een familiefoto waar alleen de tweeling (mijn man en zijn broer) scherp op stonden –it´s a twin thing.

Bij het vallen van de avond kwamen de buren bij elkaar in het voetgangersstraatje (peatonal) achter onze huizen. Ze sleepten tafels en stoelen aan, bonbons en rum kwamen boven, en er doken ook twee gitaren op. Een buurman van een paar straten verder passeerde -iemand die ik op een wandeling met de hond wel eens in de beslotenheid van zijn woonkamer een Guns N´ Roses solo had horen spelen, maar nog nooit had horen zingen. Die buurman nam een gitaar vast, en bleek me dat dus een echte muzikant te zijn, het soort dat kan spelen en zingen tegelijkertijd, met een fantastische stem die de hele buurt vult. We zongen Soldadito Marinero en Nothing Else Matters, en toen zette hij zijn mondmasker weer op, wenste ons een vrolijke kerst, en vervolgde zijn weg.

Toen bleven we over met de kern van de buren, nog steeds op veilige afstand van elkaar, maar dat was meer dan genoeg. Onze buurman de muziekleraar en ik namen de gitaren, de anderen schraapten de kelen. We speelden en we zongen. En we eindigden zoals we bijna altijd eindigen: met Nino Bravo. Al partir, un beso y una flor, un te quiero, una caricia, y un adiós. Wat in feite het lied is van een emigrant die het geluk gaat zoeken aan de overkant van het grote water, en van zijn geliefde een kus en een bloem meeneemt, een ik hou van je, een liefkozing, en een vaarwel. Dat is lichte bagage voor zo´n lange reis, zingt Bravo. En ik denk aan al die mensen, gestrand op onze onbarmhartige kusten, in flinterdunne tentjes. Ik denk aan de mensen die hen daar niet willen, ik denk aan de politici die niets ondernemen, en ik denk aan de mensen die hen voedsel en kleren opsturen, die de tentenkampen van elektriciteit voorzien, die workshops opzetten en geïmproviseerde klasjes, die een ziekenhuisvrachtwagen inrichten er ermee van Nederland naar Griekenland rijden, aan gepensioneerde artsen en verplegers die daar de handen uit de mouwen steken met een minimum aan middelen ter beschikking. En ik denk: kerst is iets wat je elke dag in je draagt, of niet.

Laat ons hopen dat het besmettelijk is.

Reclaam: mooie meubels en muziek (Leen Heylen)

Een van de creatiefste mensen die ik ken, heeft eindelijk een website die haar talent de shine geeft die het verdient: www.leenheylen.be.

Hebt u oud hout waarvan u een mooi meubel gemaakt wilt zien?

Hebt u zin om live van heerlijke Piaf-chansons te genieten?

Wilt u met kind of kleinkind naar een speelse theatervoorstelling?

Ons Leen doet dat allemaal.

Voor sommige zaken zal het wachten zijn tot na de corona-crisis, maar op de website kunnen jullie alvast van een paar fijne video´s genieten.

Allez, venez!

Music, please

Ik las deze challenge bij Le Petit Requin, en omdat het twee zaken combineert die ik erg leuk vind (muziek en associatief denken), ga ik lekker meedoen. Het zijn bovendien ook allemaal nummers die ik zelf graag hoor. Ik heb hier en daar wel wat buiten de lijntjes gekleurd, maar daar dient deze blog voor, nietwaar?

Name a songtitel with…

something to wear:Head Over Heels” (ABBA)

something to drink: “Walk On Water” (Milk Inc.)

a place: “Walking In Memphis” (Marc Cohn)

a food: “Hot Stuff” (Donna Summer)

an animal: “Human” (The Killers)

a number: “A Thousand Years” (Christina Perri)

a colour: “Lithium Sunset” (Sting)

a girl´s name: “Jolene” (Dolly Parton)

a boy´s name: “Michel” (Anouk)

a profession: “The Scientist” (Coldplay) (Ik heb hier ook even “Bad Girls” van Donna Summer overwogen)

a day of the week: “Get Down, Saturday Night” (Oliver Cheatham)

 

Een fijne week gewenst, allemaal!

 

 

 

 

Antwoord 3: Maestro, música, por favor

Deze heerlijke vraag van Samaja was zo plezant om te beantwoorden, dat ik het weer veel uitgebreider heb gedaan dan oorspronkelijk de bedoeling was:

Heb je een favoriet nummer aller tijden (om naar te luisteren en/of om zelf te zingen)?

Nou en of, meer dan één!

*Favorieten aller tijden: Mister Brightside van The Killers (en je ziet hieronder alleen zijn kop, maar de videoclip is echt goed), Beach Baby van First Class en May You Never van John Martyn:

 

*Favoriete dansnummer: Shake It Off van Taylor Swift:

 

*Favoriete karaoke nummer: I Wanna Dance With Somebody van Whitney Houston, Son of a Preacher Man van Dusty Springfield en J´aime la vie van Sandra Kim:

 

*Om me in te zingen gebruik ik meestal Blute Nur uit de Matheüspassie van Bach (hier met de sopraan Emma Kirkby) (Ik kan het natuurlijk langs geen kanten zo goed als een echte sopraan, maar zodra je dit gezongen hebt, zijn gewone popsongs peanuts):

 

  • Ik ben geen festivalganger en ga ook niet veel naar concerten (teveel drukte voor deze HSP´er), maar wie ik toch ooit graag in het echt zou horen, is Hozier, hier met Jackie and Wilson:

 

*En als laatste nog even een beetje dramatisch doen: wanneer ik sterf zou ik in de hemel graag Jim Croce tegenkomen, en daar samen wat muziek maken. Hij stierf in 1973, op de hartverscheurend jonge leeftijd van 30 jaar. Maar zelfs voordat ik dat wist, kreeg ik al een krop in mijn keel wanneer ik I Got a Name hoorde:

 

I´ve got a song, I´ve got a song

And I carry it with me, and I sing it loud

If it gets me nowhere, I go there proud

 

(Hey, het zou ook leuk zijn als jullie hieronder jullie favoriete nummers achterlaten!)

Augustus: Mamma Mia! (Phyllida Lloyd)

Aangezien ik deze maand op een plek zit waar niet meteen cinema’s te vinden zijn, was ik er aanvankelijk niet zeker van hoe en of ik mijn maandelijkse opdracht (*) zou kunnen vervullen. Tot mijn dochter in de tv-kamer van ons logement de DVD van Mamma Mia! uit de kast trok en vroeg of ik die met haar wilde bekijken. Op dat moment had ik nog niet in de gaten dat ze me daarmee uit de brand hielp. Het was pas tijdens de film dat ik dacht: “Hee, zou dit niet door een vrouw geregisseerd zijn?” En jawel! Stiekem hoopte ik dat de follow-up Mamma Mia! Here we go again, die deze zomer is uitgekomen, door dezelfde regisseur gemaakt zou zijn, zodat ik toch naar een recentere film kon verwijzen, maar dat blijkt niet het geval. Dus doen we gewoon lekker retro, en gaan we terug naar 2008 (wat eigenlijk mooi uitkomt, want dat ga ik binnenkort nog een keer doen).

Ik kan me voorstellen dat voor sommige mensen (vooral het soort dat last heeft van zwartgallige aandoeningen als sarcasme en cynisme) deze film een te hoge dosis aan opgewektheid en bijna hysterisch gegil bevat. Maar voor hen die nog geloven in de lichte kant van het leven -en die zich er tegelijkertijd van bewust zijn dat lichtheid ook maar pas tot zijn recht komt dankzij de schaduwen op de achtergrond-  voor dat soort mensen kan deze film een uiterst aangename ervaring zijn, denk ik.

Dus daar zaten we naast elkaar op de sofa, mijn dochter en ik, toe te kijken hoe die prachtige Meryl Streep gestalte gaf aan een vrouw die zoveel oude liefde, moed en vermoeidheid meetorste dat je niet anders kon dan van haar houden. Bovendien werd ze geflankeerd door twee vriendinnen even flamboyant en trouw als degene die ik hier in België heb rondlopen, en zocht ze in haar moeder-dochterrelatie liefdevol naar een weg tussen vasthouden en loslaten. Het ging me recht naar het hart.

En dan de muziek. Wie denkt dat ABBA eenvoudige pop- of discomuziek is, daag ik uit een toonvaste karaoke-uitvoering van Head Over Heels ten beste te geven. Er zit veel meer in dan je op het eerste gezicht zou denken. Muzikaal zijn het zeer interessante songs en in de film komt dankzij de verhaallijn ook de reikwijdte van hun teksten naar voren.

Behalve het hysterische gegil in een aantal beginscenes kan deze film ook verweten worden dat het gros van de mannelijke hoofdacteurs niet gemaakt is om te dansen en nog minder om te zingen. Maar voor mij is precies dat een deel van de charme van dit project. Hoe heerlijk is het om te zien hoe Pierce Brosnan meer moeite heeft met het zich vastklampen aan een paar hoge noten dan aan het onderstel van een helikopter in zijn James Bond-dagen. En dan Colin Firth die zich stuntelig ten dans waagt… Het toont een soort kwetsbaarheid die je amper ziet op het scherm, en die ons eraan herinnert dat we allemaal ook maar mensen zijn, en dat het niet zo perfect moet, zolang we ons maar amuseren.

Een aangename ontdekking dus, die mevrouw Lloyd. Ik had nog nooit van haar gehoord, maar kennelijk is ze in het Verenigd Koninkrijk behoorlijk bekend, vooral dankzij haar theater,- en operaproducties. Daarvoor werd ze zelfs onderscheiden met de Orde van het Britse Rijk. (Normaal gezien zouden hier nu enkele video’s volgen, maar ook dat ga ik deze keer overslagen wegens (*). En ’t is vqkqntie he. Ik bedoel: vakantie. En serio, wat is de bestaansreden van het azertyklavier?)

 

(*) Wat die maandelijkse opdracht is, kan je lezen onder de eerdere post “een jaar vol vrouwen”. Normaal gezien had ik daar een link naartoe gezet, maar ik zit hier op de Apple van onze gastheren en heb er geen idee van hoe copy/paste op een Apple werkt. Dat zal allemaal wel op het internet te vinden zijn, maar ik heb er al een half uur over gedaan om een nieuw tabblad te openen, en moet me geweldig concentreren om foutloos te typen op dit azertyklavier. Waardoor ik momenteel meer gemotiveerd ben om eindeloos over deze ongemakken te zitten zeuren dan een constructieve poging te ondernemen om dit praktische probleem op te lossen. (Note to self: deze opmerking verwijderen wanneer je weer zou gaan solliciteren.)

 

 

 

Lol versus perfectie

Sinds september doe ik mee met de jazzband hier op de muziekschool, die verstopt gaat achter de naam “Taller de música creativa” (workshop creatieve muziek). Die groep bestaat uit drie saxofonisten, een trompettist, een contrabassist, een vioolspeler, een drummer, en twee stemmen: Laura (mijn betoverende, goedlachse partner-in-crime uit de zangles) en ik. De groep wordt geleid door David, de energieke leraar contrabas die kan zwaaien als een dirigent en pianospelen tegelijkertijd.

Verleden donderdag hadden we repetitie, en als voorbereiding op de audición van volgende week hebben we een uur aan een stuk hetzelfde nummer gerepeteerd: Hit the road, Jack.

Dus daar stonden we, op het podium, voor een lege zaal. De drummer tikte af, de saxofoons zetten in, David dreunde de akkoorden mee op de piano. En ik draaide me naar Laura, en zong:

O woman, o woman, don´t you treat me so mean.

You´re the meanest old woman that I´ve ever seen.

 

En die prachtige, vrolijke Laura grijnsde terug en repliceerde:

 

Well I guess if you say so, I´d better pack my things and go!

 

Na de vierde of vijfde keer het hele nummer doorlopen te hebben, riep Manolo vanachter zijn contrabas: “Wacht even, ik ga het opnemen!” en liep hij met zijn mobiele telefoon de zaal in.

Later die avond stuurde hij de opname door via whatsapp. Eerst klonken er een halve minuut aanwijzingen in de trant van “Nee Manolo, zet het wat verder!” en toen begon het nummer. Tijdens het luisteren naar mezelf merkte ik iets op wat ik eigenlijk al langer vermoedde, namelijk dat mijn stem eigenlijk niet zo geschikt is voor dit soort muziek. Ze is een beetje te braaf, te licht, niet rauw genoeg. Een vriend die operazanger is, heeft me eens gezegd dat ik een musicalstem heb. Ideaal voor ballades en Disneysongs, maar minder geschikt voor jazz- en soulwerk.

Maar ik hoorde nog iets anders in de muziek. Ik hoorde hoeveel plezier we hadden tijdens de opname. Ik zag weer voor me hoe Laura en ik hadden staan zwaaien en draaien op het podium, hoe we gelachen hadden en genoten, temidden van al die good vibes, omgeven door die geweldige instrumenten en enthousiaste muzikanten (die er ook wel eens compleet naast speelden, trouwens). En toen dacht ik: so what als ik geen jazzstem heb? Ik blijf gewoon lekker in die groep zingen want het is supertof. We zijn geen professionals, en godzijdank. We spelen zonder druk en zonder zorgen. En da´s de allerfijnste manier van spelen.

Daarom heet het trouwens spelen.

 

 

 

Nederlandstalige nummers en een muziekloos liedje

Deze blogpost van Falderie gaf een flinke zwaai aan de windmills of my mind, dat op volle toeren begon te zoeken naar welke Nederlandstalige nummers er met reden in mijn geheugen zijn blijven hangen. En ik kwam uit bij deze top 3:

Liefde is alles –Bart Peeters

Mijn mansarde – Wannes Van de Velde

De Aarde – Urbanus

Wou er ook nog iets van Boudewijn de Groot bijzetten, maar ik kon niet meteen kiezen welk dan.

Ik heb zelf ooit welgeteld één liedjestekst geschreven (“Bridezilla op zoek” –mét verwijzing naar Bart Peeters, ik kon het niet laten, ge weet al lang dat ik een fan ben), maar er staat nog geen muziek op. Is wel heel ritmisch te lezen 🙂 Dus als iemand zich geroepen voelt…