reclaam: camping Casa Valerosa

(Deze post wordt niet gesponsord, ik maak altijd uit vrije wil reclame. En als je op deze blog advertenties ziet, is dat omdat ik de gratis versie van wordpress gebruik.)

 

Voor wie deze zomer toch naar Spanje wil, en met de eigen wagen tot hier wil rijden, heb ik een mooie tip: camping Casa Valerosa, tussen Barcelona en Valencia.

Ik ga heel eerlijk zeggen dat ik er nog niet zelf ben geweest, maar de website ziet er veelbelovend uit, en de besprekingen zijn allemaal positief. De camping wordt gerund door Vlamingen.

Dus voor wie deze zomer risicoloos (*) op vakantie wil naar Spanje, kan dit een goed alternatief zijn.

 

(*) Ge moet dan niet op de Franse autostade onder een oplegger rijden, natuurlijk.

 

 

 

Wat we weten over eenhoorns

Alternatieve titel voor dit stukje: “Paasvakantie met een achtjarige”.

En wat ik van die achtjarige de afgelopen dagen geleerd heb over eenhoorns, is dit:

  • Eenhoorns zijn bijna onvindbaar, maar als je een goed hart hebt, komen ze zachtjes naar je toe.
  • Met hun hoorn kunnen ze mensen, dieren en plantjes genezen, en slechte dingen verbranden.
  • Eenhoorns komen goed overeen met iedereen, behalve met mensen die op hen willen jagen.
  • Eenhoorns kunnen gouden lokken hebben (heel soms).
  • Eenhoornscheten hebben de kleur van een regenboog.
  • Eenhoornscheten ruiken naar lekkere dingen, zoals cupcakes met slagroom.
  • Eenhoorns laten soms scheten om ergens sneller te geraken.

Informatie die gedeeld moet worden, dacht ik zo.

 

 

 

 

Het Organische Zwemmen

In het boekje dat ik aan het schrijven ben, probeer ik iets uit te leggen over taalverwerving, gebaseerd op mijn eigen ervaringen als leerkracht, migrant en ouder. Een van de bedenkingen die ik daarbij had, was of ik wel zomaar strategieën mocht afleiden uit de leerervaringen van mijn dochter en ervan uitgaan dat die voor alle kinderen zouden werken. Ik besef wel dat elk kind anders is, en dat mijn dochter veel aanleg heeft voor taal.

Is het dan wel eerlijk dat ik andere ouders ga vertellen dat ze voor een stimulerende leeromgeving moeten zorgen, en daarna gewoon aan de kant mogen gaan staan supporteren? (Enfin, het is niet alleen dat natuurlijk, maar daar gaat wel een van de hoofdstukken over.)

Mijn twijfels daaromtrent werden deze zomer weggenomen aan de rand van het zwembad.

Zwembaden zijn hier onmisbaar om de hete Spaanse zomer door te komen. Er is het openluchtzwembad hier in het dorp, waar iedereen ´s namiddags samenkomt, en er is het zwembad van de xalet van de grootouders, waar we bijna elk weekend heengaan. We hebben ons een tijdje afgevraagd of we onze dochter op zwemles zouden sturen, aangezien ze zoveel tijd in en rond zwembaden spendeert; sommige van haar vriendjes gaan al naar de zwemles vanaf dat ze baby´s waren. Maar ik zag mijn kleine peutertje in het plonsbadje van het openluchtzwembad (toen schreef ik dit) en besloot te wachten. Ze was daar namelijk aan het experimenteren geslagen met onderwaterzwemmen en ik dacht: laten we eens kijken hoe ver ze zelf geraakt.

Een belangrijke opmerking hierbij is dat mijn dochter op fysiek vlak geen wonderkind is. Ze leerde relatief laat stappen, is geen held op de fiets en haar vriendinnetjes rolschaatsen haar met gemak van de baan. Hier kon ik dus mijn theorie testen of het volstond haar de juiste leeromgeving aan te bieden en haar voor de rest haar gang te laten gaan. (En ik weet dat dit allemaal niet wetenschappelijk verantwoord is, maar dit is maar een blogpost he, geen thesis.)

En kijk: nu zijn we drie jaar verder en ons kind kan zwemmen. Ze trekt geen baantjes natuurlijk, en haar zwemlesvriendjes doen het beter, maar ze duikt en zwemt in het diepe en trekt volledig haar plan. Er moet wel binnen de drie meter iets zijn om zich aan vast te houden.

Dit weekend zwom ze gewoon onder mijn benen door, en daarna nog eens, met een sierlijke schroefbeweging. Ik vond het fantastisch.

“Allez jong, gij zwemt beter dan ik!” heb ik geroepen.

Want supporteren is ook belangrijk natuurlijk.

Maar ook dat gaat geheel vanzelf.

 

 

 

 

 

Guide to the Spanish: Only if it ´s enjoyable

“Anyone attempting to understand the Spanish must first of all recognise the fact that they do not consider anything important except total enjoyment.

If it is not enjoyable, it will be ignored.

Capable of finding boundless energy to satisfy this pleasure seeking, their enormous capacity for having fun results in any unexpected form of entertainment taking precedence over everything else.

Which means that they change their minds continually. Planning does not play any part in their lives. All that is predictable about the Spanish is their unpredictability.

When visiting the country you cannot act upon the old dictum “When in Spain do as the Spanish do”, because no-one knows what they will be doing next.” (Xenophobe´s Guide to the Spanish, p 5)

Voor een buitenstaander kan het soms moeilijk te begrijpen zijn waarom men hier stieren loslaat op straat, en er dan en masse rond gaat lopen. Het wordt nog moeilijker te begrijpen wanneer er tijdens die stierenlopen gewonden en zelfs doden vallen, en er een paar maanden later toch weer stierenlopen georganiseerd worden, in dezelfde straten, door dezelfde mensen. Het mechanisme hierachter is echter zeer eenvoudig: stierenlopen zijn opwindend en fun. En Spanjaarden zijn gek op plezier. Dodelijke verwondingen houden hen niet tegen, zo diep zit dat. (Trouwens, hoe groter de kans op bloed en drama, hoe opwindender het ganse spel, en daardoor extra fun.)

Hun onvoorspelbaarheid is voor hen geen reden tot bezorgdheid of irritatie. Integendeel, het maakt het leven hier een pak eenvoudiger, hoe contradictorisch dat ook moge klinken. Want als niemand voorspelbaar is, kan je gerust een paar steken laten vallen zonder dat iemand daar van opkijkt of je erop aanspreekt. Je leert improviseren, leven van dag tot dag, en als je echt niet weet wat je aanmoet met de situatie, dan ga je gewoon iets drinken op een terrasje.

Met veel verbazing horen ze verhalen aan over noorderlingen die in hun agenda kijken wanneer ze een afspraak maken om over twee weken naar de cinema te gaan. Dat moet je hier niet proberen, dat is gewoon onzin.

 

 

 

Op schoolreis met de Schone Slaapster

Ik ben 34 en gisteren voor het eerst sinds vele jaren weer op schoolreis geweest.

De mensen van de zomerschool (cfr. speelpleinen in Vlaanderen) hadden een uitstapje naar een openluchtzwembad in Segorbe georganiseerd, en de ouders die wilden, mochten mee. Er was een bus voorzien voor de kindjes en een bus voor de ouders.

Toen ik door het gangpad van de bus liep, zag ik Aurora, een van de moeders, naar me zwaaien. Ze had de zitplaats naast zich voor me vrijgehouden. Ik voelde me meteen een schoolkind met een beste vriendin; wat een heerlijk gevoel! We hebben de hele dag gepraat en gelachen, samen kindjes ingesmeerd met zonnecrème, samen ijsjes gegeten. En zodra ze zag dat ik moe werd, zei ze: “Ga jij maar even rusten, ik hou Elena wel in het oog.” Op de terugweg hebben we op de bus sociale media de grond in gepraat en gegierd om onze lelijke tienerjaren.

Samen op stap met de school van het leven, waar kleine meisjes leren wat vriendschap is, en de grotere meisjes het herontdekken.

Hoe ga je op vakantie als je al op vakantie bent?

Want terwijl half Madrid naar onze kusten trekt en duizenden noorderlingen het vliegtuig nemen richting mediterraanse kust, zitten wij hier al natuurlijk.

Dus wat doet men dan, in Rafelbunyol? Elke dag naar het strand? Het kan u verbazen, maar: neen. We zitten op 5 kilometer van de zee, maar er gaat niet eens een bus naartoe. Je raakt er alleen met de wagen, of met de fiets, maar zoals gezegd is fietsen hier nog niet erg in de mode en wie 5 kilometer peddelt in de blakende zon heeft al een zonnesteek vast nog voor hij goed en wel op het strand is. Er zijn er wel die om de twee dagen naar het strand gaan of daar een zomerhuisje hebben, of met vrienden een appartementje huren aan de platja. Maar de echte locals hebben een chalet in de heuvels waar ze met de hele familie de zomer doorbrengen aan de rand van het zwembad en paella eten tot het ieders oren uitkomt.

(By the way: met de tram raak je wel binnen een half uur op het strand van Valencia, wat ik af en toe doe. Maar als ik dat hier vertel, kijken ze me aan alsof ik van een andere planeet kom. Wat volledig strookt met het gevoel van vervreemding dat nog af en toe komt opzetten.)

Voor wie geen chalet ter beschikking heeft, is er het openluchtzwembad van Rafelbunyol. Wat een heerlijke uitvinding: gras in plaats van zand, brede schaduwen geworpen door bomen in plaats van die halve vierkante meter onder een parasol. En in tegenstelling tot het groezelige zeewater is er het propere zwembadwater (al mag je daar aan het einde van de dag ook niet meer teveel bij nadenken). Maar het mooiste is het Elena en haar vriendjes daar bezig te zien, met hun verschillende graden van zwemvaardigheid, en vrolijk roepend en gillend en spetterend. Wat een leven. Dat je de rest van de dag loopt te zweten als een paard neem je er dan maar bij.

piscina descubierta rafel 1

(Foto van een website gehaald, want ik zag het niet zitten om daar aan het zwembad mijn camera boven te halen.)