Daders

Het is verontrustend hoe makkelijk daders buiten beeld blijven.

Homostel opnieuw lastiggevallen en mishandeld.

Elke tien dagen sterft een vrouw als gevolg van huiselijk geweld.

Politiegeweld VS: Zwarte Amerikanen disproportioneel vaak doodgeschoten.

De daders buiten beeld houden is heel eenvoudig: focus op de slachtoffers, maak de zin indien mogelijk passief, en/of vervang de dader door een begrip (huiselijk geweld, politiegeweld, homohaat, racisme, etc.) Op die manier maak je het geweld een probleem van het slachtoffer, en niet van de dader. Wat niet erg efficiënt is, want het is net de dader die het probleem is.

“Onverdraagzame jongeren vallen homokoppel aan.”

“Per maand vermoorden gemiddeld drie mannen hun (ex-)partner.”

“Amerikaanse politieagenten vermoorden veel vaker zwarten dan blanken.”

Dat klinkt toch ietwat anders, niet?

De burgemeester van Rotterdam heeft dat alvast begrepen. Hij spreekt de jongeren die gisteren de stad vernielden vlakaf aan. En zo hoort het ook. De daders aanspreken op hun wandaden. Zeggen: “Wat gij gedaan hebt, is fout. En waag het niet dat nog eens te doen, want dat pikken we niet,” of welke variant daarvan naargelang de context van toepassing is.

Sponsored Post Learn from the experts: Create a successful blog with our brand new courseThe WordPress.com Blog

WordPress.com is excited to announce our newest offering: a course just for beginning bloggers where you’ll learn everything you need to know about blogging from the most trusted experts in the industry. We have helped millions of blogs get up and running, we know what works, and we want you to to know everything we know. This course provides all the fundamental skills and inspiration you need to get your blog started, an interactive community forum, and content updated annually.

Januari: The Underground Railroad (Colson Whitehead)

Ja mannekes, dit boek…

Ik wilde het aanvankelijk niet lezen, uit angst dat ik er teveel van overstuur zou raken (wat ook gebeurd is), maar ik ben blij dat ik het toch gelezen heb.

Whitehead katapulteert je genadeloos vanaf de eerste bladzijden in de horror die de geschiedenis uitmaakt van elke Amerikaan met Afrikaanse roots -een nachtmerrie waarvoor onze Europese voorvaderen verantwoordelijk waren. Dat alleen al was voor mij voldoende reden om de rit aan te vatten en uit te zitten.

De gruwel die beschreven wordt, is jammer genoeg niet fictief; de schrijver heeft zich gebaseerd op historische bronnen. Dat geeft het boek een impact die je hele referentiekader aan het wankelen brengt, maar daarover zal ik misschien later een aparte blogpost schrijven. Eerst de boekbespreking.

Het is echt een Goed Boek -veel meer dan enkel een rondleiding door het martelmuseum van de slavernij. De taal is uitgekiend en efficiënt (zoals ik het graag heb), het hoofdpersonage zowel krachtig als kwetsbaar, de opbouw strak en logisch. Het verhaal leest als een trein. En dat brengt ons bij het thema: de ondergrondse spoorweg.

De term “underground railroad” is een Amerikaans begrip dat verwijst naar een netwerk van geheime routes en onderduikadressen, waarlangs weggelopen slaven uit het zuiden konden ontsnappen naar het noorden. Toen Whitehead als kleine jongen over de “underground railroad” hoorde, stelde hij die zich aanvankelijk voor als een echte ondergrondse spoorweg. En dat idee heeft hij voor het boek gebruikt: zijn heldin Cora ontsnapt uit een katoenplantage in Georgia, en komt via deze fictieve spoorlijn via opeenvolgende stations in verschillende staten terecht. Elk van die staten staat symbool voor een bepaalde fase in de Grote Oorlog tussen zwart en wit. Dat spectrum maakt van dit boek de perfecte inleiding tot het drama van de slavernij. Bovendien fungeert het als canvas voor een uitgebreide reeks personages (de weggelopen slaaf, de blanke die zijn leven riskeert om zwarten te helpen, de slavenvanger, de hoogopgeleide mulat, de blanke arts die op zwarten experimenteert,… ) die het verhaal extra diepgang geven.

Ik wilde schrijvers met Afrikaanse roots lezen om meer over racisme te weten te komen. Wel, een meer beklijvend compendium had ik me niet kunnen wensen. Het fantastische element in combinatie met de zware, historische achtergrond, met daarbovenop de beklijvende saus van het kat-en-muisspel tussen runaway en slavenvanger werkt perfect. Bovendien voel je dat dit boek lijnen uitwerpt naar zowel het verleden, het heden als de toekomst. Maar je moet er wel de horror bijnemen, dus ik zou het niet aanraden aan lezers die er wakker van liggen wanneer er iemand in een boek levend verbrand wordt.

Om in schoonheid te eindigen, wil ik Elijah Lander, een van de nevenpersonages in het boek te citeren. Als zoon van een blanke vader en Afrikaanse moeder zegt hij: “I´m what the botanists call a hybrid. (..) A mixture of two different families. In flowers, such a concoction pleases the eye. When that amalgamation takes its shape in flesh and blood, some take great offense. In this room we recognize it for what it is -a new beauty come into the world, and it is in bloom all around us.”

USA

Ik ben aan het lezen in The Underground Railroad van Colson Whitehead, een boek even gruwelijk als geweldig. Een uitgebreide bespreking volgt wanneer ik het uit heb, maar in het licht van de recente gebeurtenissen in de VS wou ik al even dit citaat delen:

They´d never seen the likes of this, but they´d leave their mark on this new land, as surely as those famous souls at Jamestown, making it theirs through unstoppable racial logic. If niggers were supposed to have their freedom, they wouldn´t be in chains. If the red man was supposed to keep hold of his land, it´d still be his. If the white man wasn´t destined to take this new world, he wouldn´t own it now.

Here was the true Great Spirit, the divine thread connecting all human endeavor -if you can keep it, it is yours. Your property, slave or continent.

The American imperative.

Je bezit, slaaf of continent.

Je presidentschap.

Mijn ervaring met Tinder

Mijn man en ik zaten afgelopen weekend aan tafel met een vriend die single is, en het gesprek kwam op Tinder. Nu stamt onze relatie van lang voor de datingapps; wij hebben elkaar gevonden op een Erasmus-uitwisseling, en in plaats van likes en swipes werkten wij met steelse blikken en grapjes, en onze superswipe waren de briefjes onder elkaars deur.

Tijdens het gesprek over Tinder vingen we van elkaar weer steelse blikken op. Zouden we? Ik weet niet meer wie het voorstel het eerst verwoordde, maar zoals dat gaat wanneer je al meer dan tien jaar getrouwd bent, kwam het idee gelijktijdig in ons op. Wat als we allebei een profiel aanmaakten, en keken wie het meeste likes kreeg? Geen matches natuurlijk, we gingen niet op Tinder om toekomstige partners te zoeken. Enkel om te zien of we nog goed in de markt lagen. Voor de lol. Haha.

Dus maakten we beiden een profiel aan voor onszelf, met de meest beperkte informatie, en een paar leuke foto´s. En toen gingen we op zoek naar elkaar. Op Tinder. We zetten de actieradius zo klein mogelijk (tussen 38 en 42 jaar, op maximaal een paar kilometer afstand), en gingen profielen zitten wegswipen tot we elkaar zouden tegenkomen.

Nu werd het al snel duidelijk dat die apps uiteraard gemaakt zijn om je ertoe te verleiden over te stappen van de gratis versie naar de betalende. Dus je zal vast niet zomaar van de eerste keer iedereen te zien krijgen die het beste bij je past. Ik kreeg het gevoel dat er heel wat logaritmes te pas kwamen aan de informatie die je verstrekt wordt, en dat er vooral in het begin valse profielen tussenzaten. Want ik weet niet waar die topmodellen die zich volgens Tinder op 6 kilometer van mijn deur bevinden, zich overdag verscholen houden. Interessant was ook dat ik, meekijkend over de schouder van mijn man, kon zien dat er in het andere kamp op een analoge manier gewerkt werd: normale vrouwen, en dan van tijd tot tijd een waanzinnig knappe dame, zogezegd vlak om de hoek. En zowel bij de mannen als de vrouwen kwam er een evenredig aantal profielen langs zonder hoofd -enkel een gestroomlijnd lijf.

Tegen dat we 5 minuten mannen en vrouwen hadden zitten wegvegen, kon het ons al gestolen worden hoeveel likes we zouden krijgen, en wilden we alleen nog maar elkaar tegenkomen. Maar mijn man was zo snel aan het swipen dat hij per ongeluk mijn profiel had weggeveegd. (“Oei, was jij dat? Heb jij de naam Cat gebruikt?”) En hij kon de terug-knop niet gebruiken, want dat kon alleen in de betalende versie. Dus veranderde hij wat aan de instellingen, in de hoop dat ik weer zou opdagen, maar dat gebeurde niet. En zelf kreeg ik de melding dat ik door de hele stapel mannen gegaan was, maar mijn eigen man was ik niet tegengekomen.

Dus daar zaten we, in de zetel, naast de liefde van ons leven die we op Tinder maar niet konden vinden. De perfecte anti-reclame. We hebben er eens hartelijk om gelachen en hebben de profielen verwijderd. En ons beide pollekes gekust dat we elkaar al gevonden hebben.

PS: Hade heeft me een plaatsje gegeven op haar podcast om het nieuwjaarsgedicht voor te lezen! Dus als je het graag eens hoort, dan kan dat hier:

Nieuwjaarsgedicht over 2020

Precies één jaar geleden

lachten wij nog zeer luid

bij het zien van Aziaten

met een masker op hun snuit

maar toen wij zelf terecht kwamen

in de thuisonderwijs-hel

met de supermarkt als vakantie-uitstap

toen verging het lachen ons wel

plots leefden we in bubbels

en het vergde heel wat tact

om de ander mee te delen:

“jij bent niet mijn knuffelcontact”.

we leerden Skypen en Zoomen

of we dat nu wilden of niet

we leerden eindelijk tegoei onze handen wassen

en niezen als niemand het ziet

we kregen een snelcursus virologie

van superster-virologen

en zielig starend uit het raam

zagen wij voor onze ogen

de natuur openbloeien in al haar pracht:

vogels, walvissen, tijgerinnen

en je zag aan hun blik dat elk dier dacht:

hou die mensen nog maar even binnen

Nothing New Year

Vorig jaar had ik maar één voornemen: mooie dingen maken. Daar ben ik naar eigen normen goed in geslaagd (een paar van mijn naai,-en haakwerkjes kan je zien op instagram, @kathleenverbiest24).

Wat gaan we dit jaar doen, behalve Het Boek afwerken?

Nou, ik wil het mezelf wat moeilijker maken. Want ik heb het gevoel dat de tijd dringt. Dat dit coronavirus geen hindernis op de baan is, maar een wake-up call. Dat “is dit wel duurzaam?” de standaardvraag moet worden bij elke beslissing die we nemen.

Daarom ga ik dit proberen: een jaar lang niets voor mezelf kopen. Ik ga kijken of ik het twaalf maanden lang kan redden met de spullen en de kleren die ik heb. Alles verwerken, opgebruiken, afdragen wat ik al heb. Tweedehandsspullen kopen mag wel (*), en ik wil ook een uitzondering maken voor de boeken die ik al een tijd op mijn wenslijstje heb staan.

Als tweede uitdaging zou ik graag nooit meer het vliegtuig nemen. Want er is niets dat zo ontzettend vervuilend is als vliegen. Dat voor elkaar krijgen, is nog een ander paar mouwen, want wij hebben geen breed budget, en wij reizen niet voor het plezier, maar om onze familie te zien. Ik weet dus niet of het gaat lukken, maar ik wil toch mijn best doen om het voor elkaar te krijgen. Dit jaar zijn we daar alvast met glans in geslaagd, haha.

Enfin, om maar te zeggen: Moeder Aarde, dit jaar is voor u.

(*) Dat klinkt vanuit Vlaanderen vast als een gemakkelijkheidsoplossing, maar bedenk: hier zijn geen Kringwinkels! Ik ken één tweedehandswinkeltje ergens in Valencia, in een oude garage, en op zondagochtend is er een zigeunermarkt naast het voetbalstadium. (Maar ik ben geen ochtendmens. Dus ja.)

Het Boek (5): Shut Up & Write

2020 zal voor altijd het jaar zijn waarin ik voor het eerst werd uitgenodigd tot Zoom-sessies (*). Hade haalde me uit de vergrendeling in mijn hoofd, en plantte me in groepen van gelijkgestemden en gelijkgetaalden, wat een heerlijke bevrijding was in dat bevreemdende voorjaar. Daarmee leerde ik meteen ook hoe dat zoomen werkt: hoe je in een virtuele vergadering kan binnenwandelen, hoe je je microfoon kan aan,- en uitzetten, dat soort dingen.

Dit najaar las ik dat Christine Van den Hove zoomsessies voor schrijvers host. Die vinden plaats onder de noemer Shut Up & Write, en hier legt Christine uit hoe dat precies in zijn werk gaat. Ha!, dacht ik, daar kan ik al mijn opgedane kennis omtrent het aan,- en uitzetten van microfoons naar believen inzetten! En dat doe ik sindsdien.

En ik vind het fantastisch. Want eindelijk, na al die jaren, heb ik het gevoel weer collega´s te hebben. Mensen met wie je een praatje kan slaan over je werk. Mensen die ik geconcentreerd naar hun scherm zie kijken wanneer ik even mijn tekstpagina wegklik en de zoomsessie naar de voorgrond breng. Mensen die ik om feedback kan vragen en van wie ik kan leren.

En dat Christine dat alles in goede banen leidt vanop een bergtop in Frankrijk, is dat geen sprookjesachtig beeld?

(*) zoensessies waren, naargelang het gezelschap, vast ook leuk geweest, maar dit was iets anders.

Kerst in de “peatonal” en een bedenking

Dit is hoe wij kerst gevierd hebben op 24 december.

´s Middags aten we met mijn schoonfamilie buiten op het terras. We waren met exact 6 volwassenen en 1 kind. Alle nootjes en chips gingen in aparte kommetjes om speekseloverdracht tijdens te graaien te voorkomen, een ingreep waar sommigen wat lacherig over deden. Nadien zaten we nog even in het late winterzonnetje, en namen we een familiefoto waar alleen de tweeling (mijn man en zijn broer) scherp op stonden –it´s a twin thing.

Bij het vallen van de avond kwamen de buren bij elkaar in het voetgangersstraatje (peatonal) achter onze huizen. Ze sleepten tafels en stoelen aan, bonbons en rum kwamen boven, en er doken ook twee gitaren op. Een buurman van een paar straten verder passeerde -iemand die ik op een wandeling met de hond wel eens in de beslotenheid van zijn woonkamer een Guns N´ Roses solo had horen spelen, maar nog nooit had horen zingen. Die buurman nam een gitaar vast, en bleek me dat dus een echte muzikant te zijn, het soort dat kan spelen en zingen tegelijkertijd, met een fantastische stem die de hele buurt vult. We zongen Soldadito Marinero en Nothing Else Matters, en toen zette hij zijn mondmasker weer op, wenste ons een vrolijke kerst, en vervolgde zijn weg.

Toen bleven we over met de kern van de buren, nog steeds op veilige afstand van elkaar, maar dat was meer dan genoeg. Onze buurman de muziekleraar en ik namen de gitaren, de anderen schraapten de kelen. We speelden en we zongen. En we eindigden zoals we bijna altijd eindigen: met Nino Bravo. Al partir, un beso y una flor, un te quiero, una caricia, y un adiós. Wat in feite het lied is van een emigrant die het geluk gaat zoeken aan de overkant van het grote water, en van zijn geliefde een kus en een bloem meeneemt, een ik hou van je, een liefkozing, en een vaarwel. Dat is lichte bagage voor zo´n lange reis, zingt Bravo. En ik denk aan al die mensen, gestrand op onze onbarmhartige kusten, in flinterdunne tentjes. Ik denk aan de mensen die hen daar niet willen, ik denk aan de politici die niets ondernemen, en ik denk aan de mensen die hen voedsel en kleren opsturen, die de tentenkampen van elektriciteit voorzien, die workshops opzetten en geïmproviseerde klasjes, die een ziekenhuisvrachtwagen inrichten er ermee van Nederland naar Griekenland rijden, aan gepensioneerde artsen en verplegers die daar de handen uit de mouwen steken met een minimum aan middelen ter beschikking. En ik denk: kerst is iets wat je elke dag in je draagt, of niet.

Laat ons hopen dat het besmettelijk is.

Duurzame geslachtsdelen

(Deze blog wordt niet gesponsord. Als er producten in aangeprezen worden, is dat uit persoonlijke overtuiging, en als je onderaan de blog reclame te zien krijgt, is dat omdat ik de gratis versie van wordpress gebruik.)

Dit is een post voor mensen die begaan zijn met het milieu, en er niet tegenop zien te lezen over teelballen en vagina´s. Het is een post voor mannen die zich nog wel eens bezighouden met heteroseks, en vrouwen die nog steeds menstueren. Maar wie niet tot die doelgroep behoort, mag natuurlijk ook meelezen, want misschien kan onderstaande informatie je van pas komen wanneer je iemand uit bovenstaande doelgroep wil steunen in hun keuzes of informeren over hoe je de wereld kan redden met je voortplantingssysteem. (*)

Laten we ons eerst even op het scrotum richten.

Om zwangerschap te voorkomen, zijn er twee manieren die in onze cultuur de voorkeur genieten: een condoom gebruiken of de vrouw hormonen toedienen. Wanneer je als koppel weet dat je geen kinderen (meer) wil, wordt er meestal voor dat laatste gekozen. Maar iemand jarenlang hormonen toedienen, doe je niet altijd ongestraft. En wie gevoelig is voor migraine kan erg slecht op de pil reageren. (Nadat ik las dat het gebruik van de pil de kans op hersenbloedingen kan vergroten bij mensen met aura-migraine, ben ik er meteen mee gestopt -ik kreeg toen effectief minder migraine-aanvallen.)

Maar er is nog een derde alternatief voor mensen die er zeker van zijn dat ze nooit meer pampers willen verversen: de vasectomie. Dat is een eenvoudige, lokale ingreep waarbij de zaadleiders onderbroken worden, zodat er geen zaadcellen meer in het sperma terechtkomen. Je kan als man dan niet meer bevruchten, maar je hele seksuele huishouding blijft intact. Libido, erecties, mannelijkheid, dat komt er allemaal ongeschonden uit. (Er staat een duidelijke uitleg op wikipedia.) Het is werkelijk een fantastische oplossing. Je krijgt letterlijk vrij spel, en de vrouwelijke partner blijft er niet alleen gezonder onder, maar je spoelt ook geen extra hormonen meer de natuur in. Heel erg aan te raden dus.

En nu de vagina.

Ik heb vorige week voor het eerst de menstruatiecup gebruikt in plaats van maandverband of tampons (ook weer goeie uitleg op wikipedia). Het doosje met twee latexcupjes stond al een hele tijd in de kast te wachten, maar ik had een beetje drempelvrees. (**) Dat bleek voor niets nodig, want na een keer of twee proberen ging het vanzelf. Je brengt de cup in, laat die daar 12 uur zitten, en haalt ze er gewoon weer uit. En ja, dat is een beetje wriemelen, maar het gaat tenslotte om je eigen lichaam -ik denk dat het niet slecht is dat je jezelf ook daar een beetje leert kennen. En ja, je hebt dan een bekertje met bloed in je handen. Ik kan me voorstellen dat dat voor sommige mensen een afknapper kan zijn, maar langs de andere kant: als je je regels hebt, word je sowieso met bloed geconfronteerd. En zelf vind ik het eigenlijk wel interessant dat ik nu een zicht heb op hoeveel bloed ik precies verlies. (***)

Maar soit, het gaat er natuurlijk om dat dit een honderd procent ecologische manier is om je maandstonden door te maken. Stel je even de berg afval voor die een vrouw doorheen al haar vruchtbare jaren accumuleert. Dat kan dus allemaal voorkomen worden door die simpele latexcups te gebruiken. Want al wat je moet doen, is ze na gebruik schoonspoelen en in kokend water steriliseren (ik doe dat in de microgolfoven). En daarna zijn ze weer klaar voor gebruik. Dus op termijn bespaar je ook heel wat op uitgaven.

Tot zover de meest intieme blogpost ooit (bewijs van mijn engagement voor het milieu). Ik ben benieuwd naar jullie opmerkingen 🙂

(*) Een idee voor een heel vreemd soort superheldenfilm komt nu in mij op.

(**) Ik ben uiteindelijk gewoon gestopt met maandverband te kopen, zodat ik op een bepaald moment geen andere keuze had dan de cups te gebruiken.

(***) Een idee voor een vreemd soort vampierenijsjes komt nu in mij op.

België in december -mouwloos

Indien de Belg zijn hoofdverblijfplaats in Spanje heeft: niet-essentiële verplaatsingen naar en vanuit de autonome regio’s zijn verboden. Dit in- en uitreisverbod geldt niet voor de Canarische eilanden, Galicië, de Balearen en Extremadura. Belgen die hun hoofdverblijfplaats in een van de gesloten autonome regio’s hebben, mogen die regio niet verlaten, behalve om essentiële redenen (werk, gezondheid, overmacht etc.).

Dit staat op de website van het consulaat. Familiebezoek is geen essentiële reden, dus hebben we onze reis afgelast.

Daar zijn best wat tranen om gevloeid -vooral voor mijn dochter was het een bittere pil om te slikken, en ik vind het ook heel erg voor mijn ouders. Die hebben hun kleindochter voor het laatst in het najaar van 2019 gezien. Maar voor mezelf was het behalve een zware teleurstelling ook een beetje een opluchting. Want eigenlijk ben ik al een jaar lang aan het aftellen: in november 2019 was ik beginnen aftellen naar de België-reis die we in april zouden maken, en toen die in het water viel, begon ik uit te kijken naar december. Maar een jaar lang aftellen in onzekerheid, dat gaat je niet in de kouwe kleren zitten. Dus ergens geeft het ook wel rust dat er nu gewoon zekerheid is. Het kan niet, we gaan niet, y ya está.

Maar we gaan er sowieso toch een fijne kerst van maken, en ervoor zorgen dat al wie ons lief is, deze winter nog eens extra ingepeperd krijgt hoe lief precies.