Intermezzo: uitspraken Elena 2014

(Ik heb hier juist een documentje teruggevonden op de computer met uitspraken van mijn dochter toen ze drie jaar was, en ze zijn te mooi om ze jullie te onthouden.)

4/5/2014

“Ziedewel. Ik had het toch gezegd.”

 

16/5/2014

“Niet teveel water, mama! Water kost geld!”

 

15/9/2014

“Ik wil niet doodgaan, want dan kan ik niet meer tv-kijken.”

 

6/10/2014

Elena: “Jij moet wortel zeggen.”

Ik: “Mag ik geen peeke zeggen?”

Elena: “Jij moet leren van wortel te zeggen.”

 

8/10/2014

Ik: “Wil je confituur?”

Elena: “Nee. Ik wil banaan. Nee, ik wil geen banaan.”

Ik: “Wil je banaan of confituur?”

Elena: “Ik wil confituur.”

Ik: “Ge moet niet altijd veranderen, he.”

Elena: “Ik ben zo geboren.”

 

29/10/2014

Elena: “Jij bent Assepoester en ik de goede fee, Wil je naar het bal? Kijk, ik tover u een jurk! En nu tover ik u een pompoen! En die tover ik nu om in een koets.”
Hoe koddig is het dat ze niet gelijk die koets getoverd heeft?

 

30/10/2014

“Mama, wil jij mijn borsten aandoen?”
Waarmee ze het t-shirt met twee opgenaaide vilten schelpen bedoelt, van het kleine-zeemeermin-kostuum dat ik voor haar gemaakt heb.
Priceless.

 

19/11/2014

Elena: “Met de O van orizontaal!”

 

2/12/2014

Elena: “Mama, ik word groot, en jij wordt oud.”

 

19/12/2014

Ik sta met Elena aan te schuiven in het postkantoor, wanneer er een oudere man binnenkomt met een kist mandarijnen.
Elena: “Is dat Sinterklaas?”

 

3/1/2015

De vuile versie van Frozen:

Elena: “Ik ben Elsa en ik heb magisch in mijn handen.”
Mama: “Ga jij die magische handen van jou eens wassen.”
Elena: “Nee, want dan gaat het magisch eruit.”

 

16/1/2015

Elena. “Mama, is uw bomma dood?”
Ik: “Ja.”
Elena: “Als bomma dood is, kunnen we met bomma praten, met haar hart.”
Dat zijn van die dingen die kinderen nog weten en die we later al eens vergeten.

 

19/1/2015

Elena: “Ya sé que es una locura, pero me da igual.”
(Translation: “I know it´s crazy, but I don´t really care.”)

 

6/2/2015

Elena: “Naar bed, naar bed, zei Duimelot.
Eerst nog wat eten, zei Likkepot.
Waar zal ik het halen, vroeg Langejan.
In kleinmoeder´s kastje, zei Ringerang…”

Ik: “Grootmoeder, Elena.”

Elena: “Aja, GROOTmoeder.”

11/3/2015

Elena: “Mama, als er een accident gebeurt met een jongen en een meisje, wat moet je dan doen?”
Mama: “Euh….wat voor accident bedoel je?”
Elena: “Zoals met Ben en Holly. Toen ze de theepot hadden gebroken.”
Mama: “Aaaah.”
*Opluchting*

 

31/3/2015

Ze bleef mij na het instoppen maar terugroepen naar haar kamer, dus ik had gezegd: “Elena, ge moogt mij alleen roepen als ge een Groot Probleem hebt.
Niet roepen voor kleine problemen.”

Een kwartier later roept ze me weer.

Ik: “Heb je een probleem?”
Elena: “Mama, als Malefica komt, moet je haar door het raam gooien.”
Ik: “Okee, dat zal ik doen.”
Elena: “En haar zeggen dat ze niet mag terugkomen. Haar naar Noorwegen sturen.”
Ik: “Naar Noorwegen, okee. ”
Elena: “Dat was een Groot Probleem, he?”
Ik: “Ja, dat was een Groot Probleem.”

 

 

 

 

Het Organische Zwemmen

In het boekje dat ik aan het schrijven ben, probeer ik iets uit te leggen over taalverwerving, gebaseerd op mijn eigen ervaringen als leerkracht, migrant en ouder. Een van de bedenkingen die ik daarbij had, was of ik wel zomaar strategieën mocht afleiden uit de leerervaringen van mijn dochter en ervan uitgaan dat die voor alle kinderen zouden werken. Ik besef wel dat elk kind anders is, en dat mijn dochter veel aanleg heeft voor taal.

Is het dan wel eerlijk dat ik andere ouders ga vertellen dat ze voor een stimulerende leeromgeving moeten zorgen, en daarna gewoon aan de kant mogen gaan staan supporteren? (Enfin, het is niet alleen dat natuurlijk, maar daar gaat wel een van de hoofdstukken over.)

Mijn twijfels daaromtrent werden deze zomer weggenomen aan de rand van het zwembad.

Zwembaden zijn hier onmisbaar om de hete Spaanse zomer door te komen. Er is het openluchtzwembad hier in het dorp, waar iedereen ´s namiddags samenkomt, en er is het zwembad van de xalet van de grootouders, waar we bijna elk weekend heengaan. We hebben ons een tijdje afgevraagd of we onze dochter op zwemles zouden sturen, aangezien ze zoveel tijd in en rond zwembaden spendeert; sommige van haar vriendjes gaan al naar de zwemles vanaf dat ze baby´s waren. Maar ik zag mijn kleine peutertje in het plonsbadje van het openluchtzwembad (toen schreef ik dit) en besloot te wachten. Ze was daar namelijk aan het experimenteren geslagen met onderwaterzwemmen en ik dacht: laten we eens kijken hoe ver ze zelf geraakt.

Een belangrijke opmerking hierbij is dat mijn dochter op fysiek vlak geen wonderkind is. Ze leerde relatief laat stappen, is geen held op de fiets en haar vriendinnetjes rolschaatsen haar met gemak van de baan. Hier kon ik dus mijn theorie testen of het volstond haar de juiste leeromgeving aan te bieden en haar voor de rest haar gang te laten gaan. (En ik weet dat dit allemaal niet wetenschappelijk verantwoord is, maar dit is maar een blogpost he, geen thesis.)

En kijk: nu zijn we drie jaar verder en ons kind kan zwemmen. Ze trekt geen baantjes natuurlijk, en haar zwemlesvriendjes doen het beter, maar ze duikt en zwemt in het diepe en trekt volledig haar plan. Er moet wel binnen de drie meter iets zijn om zich aan vast te houden.

Dit weekend zwom ze gewoon onder mijn benen door, en daarna nog eens, met een sierlijke schroefbeweging. Ik vond het fantastisch.

“Allez jong, gij zwemt beter dan ik!” heb ik geroepen.

Want supporteren is ook belangrijk natuurlijk.

Maar ook dat gaat geheel vanzelf.

 

 

 

 

 

Het Stappenplan

Het Stappenplan

  1. een stappenplan maken
  2. materiaal verzamelen
  3. Russisch leren (*)
  4. schrijven, schrijven, schrijven
  5. herschrijven, herschrijven, herschrijven
  6. laten nalezen
  7. de testrit (*)
  8. uitgevers zoeken
  9. werk inleveren
  10. wachten op een antwoord

 

En stap 1 is almeteen gezet!

Waw, als het zo vooruit blijft gaan 😉

 

(*) Uitleg zal volgen, en ´t is logischer dan het lijkt hoor. Ik heb hier geen cannabis zitten smoren op het terras, haha.

 

 

 

 

Het Plan

Dit is volgens mij een voorwaarde om goed werk te leveren:

  1. er moet vraag zijn naar dat werk (een behoefte)
  2. de persoon die het werk verricht moet er de aangewezen persoon voor zijn

Nu, waar de mensen hier rondom mij zich kennelijk zeer veel zorgen om maken, is hoe ze ervoor kunnen zorgen dat hun kinderen Engels zullen leren. Ziedaar: de behoefte.

Een beheersing van het Engels wordt hier de laatste jaren namelijk als een soort Heilige Graal gezien. Ze hebben dat dan een beetje op zijn Spaans opgelost, namelijk alle leraren verplichten binnen de 4 jaar aan een B2 niveau te geraken, en alle scholen twee,- of drietalig te maken (Spaans-Engels of Spaans-Valenciaans-Engels).

Daarbij werd voor het gemak over het hoofd gezien dat je om een taal te onderwijzen echt wel zeer goed die taal moet beheersen, en dat je zoiets niet op 4 jaar in het avondonderwijs leert. Bijgevolg is het niveau van de meeste leraren Engels hier lichtelijk dramatisch te noemen, en leren vooral de kinderen van rijke ouders goed Engels, want die sturen hun kroost naar dure Engelstalige privéscholen.

De andere ouders zitten met de handen in het haar, want ze kunnen hun kinders niet helpen, omdat hun eigen kennis van het Engels zeer beperkt tot abominabel is. Frustratie alom.

Vele kinderen worden na school dan maar naar taalacademies gestuurd, zoals die waar ik les heb gegeven. Daar komen die kinderen dan doodmoe na een lange schooldag aanstrompelen, en moeten ze weer aan bankjes gaan zitten. En daar gaat het dan weer van one-two-three, en green-yellow-orange.

Mijn eigen dochter gaat natuurlijk niet naar de Engelse les. En geen haar op mijn hoofd dat eraan denkt haar zelf Engels te onderwijzen. Maar toen er onlangs vrienden uit Wales op bezoek waren met hun vierjarige zoontje, hoorde ik mijn dochter en haar speelkameraadje vlot in het Engels converseren, en toen zij en ik een paar maanden geleden naar huis wandelden, wees ze de velden in en zei: “I know a shortcut.” (Ze was toen vijf.)

Op haar rapport van school staat echter dat ze nog geen Engels spreekt. En toen ik haar werkjes van de les Engels doorbladerde, ging mijn haar rechtop staan. De dagen van de week leren schrijven enzo. WEDNESDAY. In de laatste kleuterklas. I kid you not.

Bovendien is haar uitspraak beter dan die van de juf. (“Mama, de juf zegt KRIISMAS, maar het is Christmas he.”)

Om maar te zeggen dat ze hier van language acquisition geen kaas gegeten hebben.

Mijn dochter is nu zes en perfect viertalig. Ze spreekt en begrijpt Nederlands, Engels, Spaans en Valenciaans. Dat is niet van een leien dakje gegaan. Ik geef haar geen “les”, maar ik steek er wel werk in. Op mijn manier.

Wanneer ik in het park ofzo om raad gevraagd word en een beetje mijn theorieën uit de doeken begin te doen, dan wordt daar altijd zeer enthousiast op gereageerd. Onlangs zei iemand:  je zou dat eens moeten opschrijven. Dus ja, dat gaan we dan maar eens doen.

De bedoeling is dus een tamelijk kort en vlot leesbaar handboekje te schrijven met als titel iets in de aard van “Hoe help ik mijn kind Engels te leren als ik zelf geen Engels kan”, zoiets. Dat moet dus wel in het Spaans geschreven worden, maar dat zou wel moeten lukken. Er zijn hier trouwens voldoende mensen bereid het na te lezen.

En dan gaan we daarmee een paar uitgevers langs, en dan duimen we dat er iets van komt.

Dat is dus het Plan…

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vraag aan de lezers: Taart en duidelijkheid

Even tussendoor: een vraagje.

Ik heb onlangs nog eens een kortverhaal geschreven (´t is echt kort hoor, zo´n 500 woorden), maar ik ben er niet helemaal zeker van of de plot wel duidelijk is.

Dus voor wie zin heeft om het eens na te lezen: zou je mij kunnen vertellen of het duidelijk is hoe het “misdrijf” precies gepleegd is, of zou ik beter nog een extra aanwijzing geven?

Het verhaal (“Taart”) kan je hier vinden.

En antwoorden mogen gewoon hieronder als commentaar.

Alvast heel erg bedankt!

Een turbulente Campaigner met een plan

Vooraleer een project op poten te zetten, kan het geen kwaad je zelfkennis wat bij te vijlen, niet? Want inzicht in je sterktes en zwaktes is toch altijd mooi meegenomen. Een interessant hulpmiddel daarvoor vond ik op deze website: www.16personalities.com.

Het zou mooi klinken als ik hier kon zeggen dat dit een onderdeel was van een strategie, maar ik ben bij deze website terechtgekomen op dezelfde manier waarop ik bij 80 procent van mijn informatie terechtkom: via puur toeval. Maar zoals zo vaak blijkt het dan wonderwel in the present picture te passen.

Volgens die test ben ik namelijke een Campaigner, en wat ik daarover te lezen kreeg, sloeg al meteen de brug naar mijn vorige én mijn volgende blogpost:

Campaigners are fiercely independent, and much more than stability and security, they crave creativity and freedom.

Meer woorden moeten daar dus al niet aan vuilgemaakt worden.

Het mooie is dat je er ook een lijstje sterktes en zwaktes bij gepresenteerd krijgt. Ik heb namelijk een plan (of eigenlijk: een aantal plannen) en om die gerealiseerd te krijgen, zal ik toch een beetje rekening moeten houden met deze zwakke punten:

Poor Practical Skills – When it comes to conceiving ideas and starting projects, especially involving other people, ENFPs have exceptional talent. Unfortunately their skill with upkeep, administration, and follow-through on those projects struggles. Without more hands-on people to help push day-to-day things along, ENFPs’ ideas are likely to remain just that – ideas.

Find it Difficult to Focus – ENFPs are natural explorers of interpersonal connections and philosophy, but this backfires when what needs to be done is that TPS report sitting right in front of them. It’s hard for ENFPs to maintain interest as tasks drift towards routine, administrative matters, and away from broader concepts.

Nu heb ik dat hier niet klakkeloos overgenomen gewoon omdat dat op die website staat, maar omdat ik weet dat dit daadwerkelijk mijn zwakke punten zijn wanneer het aankomt op het uitwerken van een project. Het blijft hier nogal snel bij krabbels in een boekje en post-its op de muur.

Daarom heb ik besloten in de volgende blogposts mijn plannen hier te delen (KEI-GRELLIG). Want als er meer mensen van op de hoogte zijn, dan verhoogt dat een beetje de druk. En op die manier krijg ik het misschien wel rond, als ik er van tijd tot tijd verslag over moet doen. (Iets wat ik hier ook al eens aangegeven heb trouwens.)

By the way, heeft deze post iemand aangespoord om ook eens de persoonlijkheidstest te doen?

Wat was het resultaat?  

En kan je je erin vinden?

 

 

 

 

 

 

 

Over stoppen en een koerswijziging

Stoppen is vaak moeilijker dan doorgaan. Het is not done. Wie stopt is een opgever met een gebrek aan karakter, iemand die harder had moeten proberen en niet doorheeft dat het leven geen ponykampf is.

Maar daar ben ik het dus niet mee eens. In mijn ervaring zijn zij die ergens mee kappen vaak mensen die net lang en hard geprobeerd hebben, maar op de foute weg zaten. Zodra dat inzicht begon te dagen, gooiden sommigen meteen het roer om, terwijl anderen er een eeuwigheid voor nodig hadden om zichzelf en hun omgeving ervan te overtuigen dat eruit stappen op termijn de beste oplossing was. Gemakkelijk was het alleszins nooit. (Of ligt het misschien aan de wet van Newton dat stoppen zo moeilijk is? Een lichaam dat in beweging is, wil in beweging blijven?)

Ik hou alleszins al jarenlang deze wijze woorden in mijn achterhoofd:

No matter how far you´ve gone down the wrong road, turn back.

Alleen is het niet zo vanzelfsprekend te bepalen welke de juiste en welke de foute weg is. Zeker wanneer de weg die je gekozen hebt fantastisch werkt voor 90 procent van de populatie, en alleen jij er problemen mee lijkt te hebben.

En nu even waar dit concreet over gaat: ik heb mijn werk opgezegd. Ik heb mijn baas geschreven dat ik kap met die luttele acht uurtjes zwartwerk per week. Het klonk anders wel mooi, privé-lessen Engels aan de bazen van een goeddraaiend bedrijf. En het zou een opstap zijn naar meer uren en wie weet ooit naar een voltijdse job. Maar ondertussen weet ik dat dit een opstap is naar niks. Dat de migraines en slapeloze nachten week na week roet in het eten gooien. Dat ik voor twaalf euro per uur een hoop stress (ga ik okee zijn?) en schaamte (f*ck, moet ik weer afbellen) moet trotseren. Na al die jaren van aanmodderen ben ik eindelijk beginnen inzien dat ik eenvoudigweg een job moeten zoeken die ik van thuis uit kan doen. En om daar tijd en energie in te kunnen investeren, moet ik stoppen met die povere acht uurtjes per week, die me constant bezighouden en weinig opleveren. Want ik wil zo graag eindelijk mijn eigen boterham verdienen, maar het enige wat ik doe is dus aanmodderen voor een beetje zakgeld, jaar na jaar. Dat moet nu maar eens gedaan zijn.

Hoe ik dat dan moet realiseren, is me nog niet helemaal duidelijk. Ziehier een bijna 37-jarige die nog steeds niet weet wat ze later worden wil. Maar behalve die neurologische aandoening vermoed ik dat ik toch ook voldoende talenten heb om ergens in deze wereld een voetje aan wal te krijgen, onder mijn eigen voorwaarden.

Dat ga ik dus proberen.

Het Sheldon Cooper Project.

Wish me luck.

 

 

 

Waarom we middenin een sprookje stokten

Begrijp me niet verkeerd: ik ben een geweldige fan van Annie M. G. Schmidt.

Ik vermoed dat zo´n tachtig procent van mijn dochter´s kennis van het Nederlands te danken is aan haar verhalen. Jip en Janneke hebben we drie keer van voor naar achter en terug gelezen, Pluk van de Petteflet twee keer integraal en daarna geregeld het verzoeknummer “Grote mensen spelen”, en ook met Otje hebben we veel plezier gehad.

Bovendien is Minoes, het boek over de kat die in een juffrouw verandert, mijn favoriete boek aller tijden. Ik las het voor het eerst toen ik zes was, heb er mijn eigen kat naar genoemd, en toen de film uitkwam en niemand mee wou, ben ik hem helemaal in mijn eentje gaan zien. Het was het eerste boek dat ik aan Elena voorlas toen ze nog een baby was. Ze verstond er natuurlijk niks van, maar lag naast mij gefascineerd naar de pagina´s te kijken terwijl ik mij amuseerde met de dialecten die ik de verschillende katten gaf.

Kortom: Annie M. G. Schmidt neemt een belangrijke, welverdiende plaats in mijn literair geheugen in.

Maar halverwege “Allemaal sprookjes” ging het mis. In het verhaal “Het luciferdoosje” maakten we kennis met Gijsbert, een aanvankelijk sympathiek uitziende jongeman die op het sterfbed van zijn vader de eigenaar werd van een bijzonder luciferdoosje. Alles wat hij zag, kon hij in dit doosje laten verdwijnen via het simpele bevel “D´r in!” en het later weer tevoorschijn toveren met de iets minder voor de hand liggende uiting “Psssst!”

Dat Gijsbert zich op deze manier een gans huis toeëigende, konden we hem nog vergeven, want blijkbaar was het een kantoorgebouw en waren de werknemers bijzonder uitgelaten toen ze merkten dat hun werkplek verdwenen was. Gijsbert zette zijn illegaal verworven vastgoed op een mooi plekje aan de rivier en ging naar de markt om daar eten te gaan stelen van nietsvermoedende marktkramers. Toen hij bij de drogist een zakje drop ging halen, werd hij op slag verliefd op het meisje dat achter de toonbank stond. Ongetwijfeld aangemoedigd door de instant-behoeftebevrediging van de laatste dagen, vroeg hij haar meteen of ze met hem wilde trouwen. Liesje (want dat was haar naam) zei echter “nee”. En daarop deed Gijsbert iets heel stouts. Hij deed het doosje open en zei: “D´r in.”

Hier begon ik het moeilijk te krijgen. En deelde dat ook luidop mee aan mijn dochter: het meisje had nee gezegd, en daar had die jongen naar moeten luisteren. Met een bedenkelijke frons las ik verder, maar het kwam niet meer goed:

Daar ging Liesje naar binnen en hij nam haar mee naar zijn huis, opende het doosje en zei: ´Pssst.´

Ze kwam er woedend uit en riep: ´Laat me gaan of ik roep de politie´.

´Kom nou, wat onaardig van je,´(*) zei Gijsbert. ´Kijk eens wat een mooi uitzicht we hier hebben. En er zijn zeven schrijfmachines in dit huis.´

´Dat verandert de zaak,´zei Liesje. ´Ik ben dol op schrijfmachines. Mag ik op allemaal tikken?´(**)

´Net zoveel als je wilt,´zei Gijsbert. ´Wanneer je tenminste klaar bent met het huishouden,´voegde hij er haastig aan toe.

Say whaaaat?

Hier volgde een kort pedagogisch gesprek over rolpatronen, waarop mijn dochter zelf concludeerde dat ze liever een ander sprookje wou horen. Trots op mijn dochter. En opgelucht dat ik haar het vervolg (“Liesje veegde de vloer, poetste zijn schoenen en ging toen zitten tikken”) kon besparen.

Mijn waardering voor Annie M.G. Schmidt is hier ongeschonden doorgekomen. Ik weet dat het meer met de tijdsgeest dan met de schrijfster te maken heeft. Maar dit komt uit een boek dat heruitgegeven werd in 2012. Beetje op onze hoede blijven dus. De machismo-meter nog niet uit het stopcontact trekken.

 

 

(*) Aja, want meisjes moeten altijd aardig zijn, ook al zijn ze net gekidnapt.

(**) Als je maar spullen kan aanbieden zal een vrouw wel voor je vallen, nietwaar?

 

 

 

 

 

Sheldon Cooper en de migraine-vaardigheden

Om met migraine om te gaan, moet je een paar vaardigheden ontwikkelen.

Tijdens de aanval:

Dat is de meest voor de hand liggende: daar liggen en de pijn verdragen. De linkerhelft van je lichaam niet kunnen bewegen. Uren wachten tot de blindheid en de flitsen overgaan. Wachten tot je weer woorden kan vormen. Niet panikeren. Proberen de tijd te vergeten, hoewel je niets kan zien en niets kan denken en geen controle hebt over het verloop.

Na de aanval:

Wanneer het ergste gepaseerd is, ben je natuurlijk nog een paar dagen groggy. En in die fase komen de doemgedachten opzetten. Wanneer komt de volgende aanval? Hoe haal ik mijn werk weer in? Ga ik ooit normaal kunnen leven? Ga ik ooit een job kunnen hebben? En is het normaal dat ik mijn hand nog niet goed voel / gezichten van mensen nog steeds een beetje vreemd zie/ over mijn woorden struikel?

In dit geval helpt het je bezig te houden met de dingen die je alweer kan, hoe weinig het soms ook is, en veel te rusten. En, zoals ik al eerder geschreven heb, depressieve neigingen aan te pakken met dezelfde kalmte als de migraine-aanval.

Vóór de aanval:

Maar ook op migraine-vrije dagen moet je mentaal goed gewapend zijn. Want het kleinste vlekje op je netvlies of een tinteling in je vinger kan de alarmbel doen afgaan. Is dit aura? Ben ik okee of moet ik nu meteen alles afzeggen en naar huis proberen te geraken? Kan ik morgen naar dat verjaardagsfeest of niet? Kan ik morgen die vlucht nemen of niet? Het duurt soms een seconde of tien voor het duidelijk is. En de frequentie kan oplopen tot een keer of zeven per dag.

De Sheldon Cooper vaardigheid:

En dan is er nog een vaardigheid waar ik me bewust van werd toen ik deze video zag: een glimp achter de schermen bij The Big Bang Theory. Chuck Lorre, een van de makers van de serie, vertelt daarin dat er vanuit de fanbasis veel druk was om Sheldon Cooper (*) een relatie te laten beginnen. Hij wou het personage echter niet teveel toegevingen laten doen, omdat het net een van Sheldon´s charmes is dat hij zijn leven onder zijn eigen voorwaarden leeft, hoe sterk die soms ook afwijken van de norm. (**)

En daarom blijft Sheldon meester van zijn eigen plekje op de sofa, hebben hij en zijn vriendin maar één keer seks per jaar, en ondertekenen zijn vrienden in variërende mate van gewilligheid de contracten die dit eccentrieke genie met veel plezier opstelt.

En dat, besefte ik, is een vaardigheid die ook ik nodig heb, de afwijkende hoedanigheid van mijn gezondheidstoestand in acht genomen. Een skill waar in mijn geval nog veel werk aan is. Want hoe kan je je leven inrichten op een manier die volledig ingaat tegen de huidige normen en verwachtingen? Hoe kan ik een ruimte scheppen voor mezelf waarbinnen ik gezond, gelukkig en comfortabel kan leven, wanneer het materiaal dat ik daarvoor nodig heb niet in het bouwpakket zit dat in onze maatschappij wordt uitgereikt?

Hoe kan ik ervoor zorgen dat ik me niet meer overrompeld, schuldig, zwak, oververmoeid, nutteloos, bang, ziek, afhankelijk, … voel?

Door eraan te werken, natuurlijk, want dat is wat je met vaardigheden doet.

Ik hang een foto van Sheldon aan de muur.

Dat lijkt me alvast een goed begin.

 

 

(*) Voor wie Sheldon niet kent: dit personage is een geniale wetenschapper die duidelijk ergens op het autisme spectrum zit.

 

(**) “I didn´t want to miss out on an opportunity to have a character living life on his own terms. And that´s what´s wonderful about these characters, and particularly Jim´s character: he´s living life on his own terms.”  16:15 – 16:35